is toegevoegd aan uw favorieten.

A. Rodenbach bij de studenten te Leuven herdacht op 12 februari 1905

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Rodenbach heeft meègeleefd en wier levende polsslag hij was.

Den strijd dien Albrecht Rodenbach gestreden

neen over viji-en-iwinug jaren,aien sirijai uij, Ylaamsche Jongelingen, nog, en het feest van heden is niet alleen eene hulde aan den Vlaamschen dichter en kamper, maar evenzoo, — en geen grootere hulde kon zijn aandenken gebracht

worden — eene geesldriftige bevestiging van dezen, zijnen strijd.

Waartoe die strijd? Liefde tot de moedertaal wordt overal voor recht en heilig gehouden. Zij wordt sympathisch begroet, zelfs door onze ergste tegenstrevers, als het vreemde volkeren geldt: Polen en Finnen; maar, in eigen land en bij eigen stamgenoten, wordt, ons Vlamingen, door onverstaanbaar onverstand, dezelfde liefde ten kwade geduid en door allerlei dwang beteugeld.

De opleiding onzer kinderen in hunne moedertaal, die juist nu de kern is van den strijd, is voor ons Vlamingen geen dolle luim,zij raakt aan het innigst zielenleven, aan de kunst- en geestontwikkeling van onzen stam.

In 't oude Rome, te Caesars tijd, was het Grieksch gangbaar onder de bemiddelde standen gelijk het fransch in onze steden. Doch, in den heerlijken schat der letteren die Rome heeft nagelaten en die, de tijden trotsend, nu nog geheel het humanistisch onderwijs der beschaafde volkeren ten gronde ligt, is er géén bladzijde, géén vers, in Grieksche taal te vinden. Geheel die Grieksche opleiding der jonge Romeinen van over twee duizend jaar is onvruchtbaar gebleven, en uit dit lange liefkozen van Rome met een uitheemsche taal, is geen enkel arm zoonlje geboren.