is toegevoegd aan uw favorieten.

De leeuw van Vlaanderen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

levensmiddelen werden er met de voeten vertrapt. De Franschen gebruikten een goed middel om zich alles te bezorgen en zich tezelfder tijd bij de Vlamingen hatelijk te maken. Elk oogenblik vertrokken er groote benden soldeniers uit de verschansing, om het land af te loopen en alles te rooven, te plunderen of te vernielen. Deze booze krijgsknechten hadden het inzicht van hunnen veldheer Robrecht d'Artois ten volle begrepen; om het uit te voeren, begingen zij de gruwelijkste euveldaden, welke men in den oorlog plegen kan. Ten teeken der verwoesting, waarmede zij het land van Vlaanderen bedreigden, hadden zij altemaal kleine bezems aan hunne speren gehangen, daardoor willende te kennen geven, dat zij kwamen om Vlaanderen te keren en te zuiveren. Inderdaad, zij verzuimden niets om dit voornemen te volbrengen; na weinige dagen stond er in het gansche zuidelijke gedeelte des lands geen enkel huis, niet ééne kerk, of slot, of klooster, ja zelfs geen boom meer recht: alles was kaal gemaakt en vernield. Ouderdom noch kunne werd geëerbiedigd, vrouwen en kinderen vermoord en hunne lijken zonder begrafenis den roofvogelen overgelaten.

In dier voege begonnen de Franschen hunnen tocht. De geringste vrees, het minste berouw kwam de vreemde booswichten in dit misdadig werk niet treffen: op hunne overgroote macht steunende, dachten zij zich der overwinning zeker; maar des te laffer en te schandelijker waren hunne daden. En gansch Vlaanderen moest hetzelfde lot ondergaan; zij hadden het gezworen.

Den morgen, als Gwijde bezig was met de trouwe diensten van de Coninc en Breidel te beloonen, had de Fransche veldheer zijne voornaamste ridders tot een prachtig gastmaal genoodigd.

De tente van den graaf d'Artois was ongemeen lang en wijd en in onderscheidene plaatsen verdeeld; er waren kamers voor de schildknapen en wapendragers, voor mondbedienden en koks, en voor meer andere bijzondere personen, die hem volgden. In het midden was eene wijde zaal, beurtelings tot dergelijke gastmalen of tot de verga-