is toegevoegd aan uw favorieten.

Uit de bron

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

11 ^°j Ver,a'? we ^at w'^en- brulde de stem; en weer trappelden en kletterden de hoeven.

Pierke bukte 't hoofd en zei geen woord meer. Zijn adem zwoegde als een blaasbalg, gelijk met 't zwoegend blazen der drie stomvoonntrennende anderen. Deeske's lippen sisten, Jules Leeghanck's dikke krullekop scheen op het punt te barsten, Fontje Bibauw kermde, snotterde en snikte.

Voorop, op honderden en honderden meters afstand, rende en vluchtte steeds de met panischen schrik geslagene bevolking. Uit elk huis, uit elke boerderij langs heen den weg kwamen verwilderde mannen gesprongen, die vluchtten en vluchtten, te voet, te paard, per rijwiel en per rijtuig allen in waanzin-angst brullend en schreeuwend •

ze doodschietend' DU"e°! Z'' Pakl"n a"e """""" °P m *aa"

Waar een zijweg op de groote baan uitkwam, holden dichte drommen m, verder de paniek verspreidend; waar een sloot of een kanaal lag plonsden zij in 't water en brachten de verwildering aan de overzijde. Het kwam van verre aangeloeid als een orkaan, het breidde zich uit als een loopvuur, het ledigde dorpen, steden en gehuchten, het overstroomde een gansche streek, een provincie, een

* * #

Deeske R.jckaert, Pierke Putters, Jules Leeghanck en Fontje Bibauw konden niet meer. Reeds tweemaal was Deeske gestruikeld en gevallen en eensklaps begon Fontje luid te schreeuwen en te gillen, alsof hy vermoord werd. Toen steeg er weer achter hun rug een afgrijselijk-woest gebrul op en de troep stond plotseling stil. Het aan elkaar gebonden viertal holde nog even door, maar een razend geschreeuw van « halt! » weergalmde en ook zij stonden stil.

^ij waren aan den ingang van een totaal leeggeviucht dorp. Vier JJuitschers stegen van hun paarden en kwamen naar de drinkebroers toe. Dadelijk vielen dezen op hun knieën en staken zij de handen in de hoogte. Zij twijfelden geen oogenblik of nu was hun laatste uur gekomen. Deeske en Fontje, die christelijke gevoelens hadden, maakten haastig een kruisteeken en prevelden een gebed. Jules Leeghanck, met roodgezwollen Kop, blies amechtig zijn laatste krachten uit en tutters, met wreed-doorloopen wit van oogen en afdruipende