is toegevoegd aan uw favorieten.

Uit de bron

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

om te hooren of we soms niet eenig nieuws van of over André vernomen hadden. Wij trachten haar nog steeds hoop m te boezemen en op te beuren, ofschoon wij zeiven geen de minste hoop meer hadden en zij droeg haar droevig lot met een moed en een kracht, die wij telkens weer moesten bewonderen. Men zag wel aan haar zwakke oogen en haar rood-gevlamde koonen, dat ze veel geschreid had en aldoor nog schreide, maar in onze tegenwoordigheid hield ze zich sterk en goed en deed of ze geloof hechtte aan de futiele hoop, waarmede wij haar, zonder eenige overtuiging helaas, poogden te troosten. Zij knikte zacht en droevig met het hoofd op alles wat wij zeiden, maar men voelde de zwijgende afgronden van sombere leegheid in haar uitgemarteld hart.

# # *

Toen kreeg ik op een ochtend, langs verre en gecompliceerde wegen, een brief! .. , ~ Een brief die op mij den indruk maakte, alsof hy was geschreven door iemand van uit zijn graf. Ik moest hem lezen en herlezen; ik moest tot driemaal toe den naam spellen en letter na letter ontleden, vóór het vast tot mijn begrip doordrong, dat hij van hèm watS, van hem die leefde, terwijl allen hem dood waanden; van hem die, na de wonderlijkste avonturen aan den dood ontsnapt, krijgsgevangen was genomen en nu in Duitschland werkte bij een boer, waar hij het naar omstandigheden zoo goed mogelijk had en zich in de beste gezondheid verheugde. Mij werd opgedragen die gelukkige tijding

aan zijn vrouwtje mee te deelen.

* * *

Ik list haar bij mij komen. Is er grooter, dankbarer vreugde denkbaar dan iemand die alle hoop verloren heeft opnieuw t geluk te mogen brengen? Het was alsof mij eensklaps werd de macht verleend een doode weer in het leven te roepen.

Zij zat daar, stil en neerslachtig op een stoel, heel zwak en bleek nog na de geboorte van haar derde kind, dat in dien tusschentijd ter wereld was gekomen en ik kwam binnen, met een glimlach op de lippen en den ontvouwden brief in de hand. Zij keek eensklaps scherp cp, en schrikte haast, en riep, met lippen die beefden;

— Es er nieuws, meniere?

— Ja, zeker. En goed nieuws!