is toegevoegd aan uw favorieten.

De psychologie der kleutertaal

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

uit op het kind. Terwijl de kleine onmiskenbare bewijzen van angst vertoont, als 'n vreemd gezicht, ook zelfs van den vader, hem nadert, flitst er 'n zonneschijntje van blij gevoel door z'n heele wezentje, als moeder boven z'n wiegje komt. De lach is het eerste kommunikatie-kanaal tusschen de zielestroomen van moeder en kind.

Na het schreistadium komt de brabbelperiode. Twee voorname verschillen bestaan er tusschen de schrei-geluiden eenerzijds en de brabbelklanken anderzijds: vooreerst zijn gene onaangenaam, deze aangenaam gekleurd; op de tweede plaats zijn de eerste niét, de laatste wèl geartikuleerd. 't Spreekt vanzelf, dat de „brabbelaar" niet uitsluitend brabbelt, maar ook op z'n tijd nog schreit en vooral ook... lacht. Want lachen en brabbelen zijn elkaar nader verwant dan schrèien en brabbelen. De nieuwe bezigheid toch waarmee de kleuter zich nu gaat onledig houden gedurende de uren die hij wakend doorbrengt, is evenals het lachen 'n uiting van welbehagen; hoogst zelden kleedt hij ook z'n droefheid in brabbels. Het meedeelingselement is echter in den beginnen nihil, d. w. z. de dreumes heeft absoluut niet de bedoeling door middel van z'n lal-geluidjes z'n vreugde aan anderen kond te doen. Wat we brabbelen noemen, is niets anders dan 'n spelen met de spraakwerktuigen. „Het kind amuseert zich uren lang met z'n eigen artikulatie-koncert," zegt Rzesnitzek. De kleuter produceert geluiden uit louter impulsieven drang, zooals hij ook z'n vermaak vindt in het slaan en spartelen met armen en beentjes.

'n Soort van klinkers ontstonden reeds vroeger bij het huilen en lachen; nu echter gaat de kleuter de klanken-gamma van 'n heele taal instudeeren, en zelfs méér dan dat. In dit opzicht is deze periode van groote beteekenis voor de spraakontwikkeling. Door z'n voortdurende pogingen om klanken te artikuleeren, waarvan het hoorbaar resultaat 'n telkens sterker wordenden indruk nalaat, komt het kind geleidelijk tot 'n meer korrekte opvatting van z'n eigen spraakgeluiden, (acustische ontwikkeling), en geraakt tevens tot allengs vollediger beheersching van de bewegingen der spreek-musculatuur,