is toegevoegd aan uw favorieten.

Deken De Bo, een groote Vlaming

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wijden palmtak van Paschen! En daarbij een beeld van onze lieve moeder Maria, een beeld van den heiligen Joseph, een heilig Hert van Jesus in prente, een sint Antonius en nog andere naar devotie. Aan den muur een GOD ZIET MIJ of een GELOOFD ZIJ JESUS CHRISTUS in groote letters. Boven de ingangdeure of aan de linde bij het hofgat een kapelleken, waar niemand voorbijgaat zonder de klakke af te schuiven of een schietgebedeken te zeggen. Binnen huis aan eenen deurestijl het wijwaterpotje waar iedereen met den vinger in gaat om het heilig kruis te maken 's nuchtends voor 't morgengebed en 's avonds om te gaan slapen met zestien engelkens. En 't is man en vrouw, vader en moeder die 't voorbeeld geven !: en kinders en kindertjes, en knapen en maarten die volgen! Gaat men aan tafel, een van de kleene zegt luid op den benedicite; en staat men ervan op, het zegt de gratie. Slaat de ure, men maakt het heilig kruis. Klopt er eene berechting, men leest eenen Onzen Vader voor den zieke; luidt er eene eindeklok, men bidt over den doode. Dondert en bliksemt het, men sproeit wijwater en knielt. Niemand die geen scapulier en draagt, niemand die zijnen Roozenkrans niet onderhoudt; niemand die geene medalje heeft van Onze Lieve Vrouw en een kruisken van de goede dood ! De Zondag is waarlijk de dag des Heeren : men woont al de diensten bij die men kan ; en die niet en kan, leest t'huis in zijnen ouden kerkeboek (want met de nieuwe en kan men niet godvruchtig zijn), en die van de Mis komen, vertellen hem het sermoen. Men nadert tot de heilige sacramenten dikwijls, en o ! zoowel bereid. Binst den vasten bijbelt men eiken avond uit het Passie-