Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

procent. Bij laatstgenoemde lijn wordt het bedrag, dat voor het rollend materieel is te betalen, berekend door vermindering der aanschaffingswaarde met Vh procent voor elk gebruiksjaar, zonder dat die aftrek echter 25 procent zal te boven gaan. De kosten van uitbreidingswerken worden bij de lijnen Goendih-Soerabaja en CheribonKadipaten afzonderlijk vergoed; bij de lijn Djokja-Magelang-Willem I is dit niet het geval.

In tegenstelling met de vroeger algemeen toegepaste naastingsformule kan worden aangenomen dat in de vijf gevallen, welke hierboven in de tweede plaats werden besproken, de naastingsvoorwaarden in algemeenen zin aan het doel beantwoorden. Zij kunnen worden teruggebracht tot twee stelsels, naarmate het naastingscijfer volgens het aanlegkapitaal of volgens de netto-opbrengst bepaald wordt. Welk dezer stelsels in een bepaald geval de voorkeur verdient, kan slechts naar omstandigheden worden beoordeeld. De naasting volgens het aanlegkapitaal heeft het voordeel, dat de Staat tot verzekering zijner belangen op het geldelijk beheer der onderneming geen ander toezicht behoeft uit te oefenen, dan noodig is ter voorkoming dat de kapitaalrekening belast wordt met bedragen, die uit de inkomsten behoorden te worden gekweten. Eene voorafgaande goedkeuring door de Regeering van de ontwerpen en begrootingen van uitbreidings- en verbeteringswerken wordt daartoe niet vereischt. Op doeltreffende en afdoende wijze wordt overbelasting der kapitaalrekening voorkomen door het voorschrift in de concessiën der Semarang-Cheribon StoomtramMaatschappij, dat uitgaven tot uitbreiding en verbetering ten laste der kapitaalrekening mogen worden gebracht tot geen hooger bedrag, dan overeenstemt met de meerdere kosten, welke aan de lijnen en hetgeen daartoe behoort zouden zijn besteed, indien de na de verbetering verkregen toestand reeds bij aanleg of aanschaffing ware tot stand gebracht. De nakoming dezer bepaling wordt verzekerd door een repressief toezicht der Regeering op de bedragen, die jaarlijks ten laste der kapitaalrekening worden gebracht, terwijl bij geschil zoo noodig door scheidsrechters wordt beslist.

Voor de bepaling van den naastingsprijs naar de netto-opbrengst is slechts dan eene bevredigende regeling mogelijk, indien alle tot eene onderneming behoorende lijnen bestemd zijn om tegelijkertijd te worden genaast. Wenscht de Regeering zich echter het recht voor te behouden eene lijn eener onderneming te naasten, afgescheiden van het overige net, dan wordt het noodig jaarlijks de netto-opbrengst dier lijn afzonderlijk vast te stellen, hetgeen groote moeielijkheden oplevert met het oog op de verdeeling van de uitgaven en van het gebruik van het rollend materieel en de overige roerende goederen over de verschillende lijnen der onderneming.

Daar de Staat in het belang der schatkist op deze verdeeling toezicht zal wenschen uit te oefenen, is eene hinderlijke inmenging in het bedrijf in dit geval

onvermijdelijk.

Sluiten