Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het geval, dat de heer KOCH gesteld heeft, zich eerst voordoet na een groot aantal jaren en in dien tijd is veel te winnen. Wat er zal gebeuren, wanneer de overeenkomsten van onze maatschappij door die rechtspersoonlijkheid bezittende instellingen worden opgezegd ? Dan zullen wij — want ik stel het geval dat onze afdeelingsziekenfondsen blijven bestaan — moeten uitgaan van de toevoeging, gisteren door het hoofdbestuur voorgesteld, dat wij ons het recht voorbehouden om, wanneer de wet onze afdeelingsziekenfondsen onmogelijk maakt of andere bepalingen treft, die strijdig zijn met onze wenschen, opnieuw te gaan overleggen wat wij zullen doen. Wanneer zoo n overeenkomst is opgezegd, dan hebben wij onze afdeelingsziekenfondsen en dan hebben de patiënten gelegenheid bij hun huisarts te blijven. Niet alleen moeten wij onze kracht in onze organisatie zoeken, maar wij moeten onze kracht ook zoeken in den persoonlijken band, die er zit tusschen ons en onze patiënten. Ik durf toch gerust te zeggen dat de uitslag van het geval in Alkmaar getoond heeft dat die band een zoo groote is, dat zelfs, nu het nieuw opgerichte concurreerende ziekenfonds met een lagere contributie werkt, toch nog twee derden van de patiënten hun huisarts trouw blijven. Wij moeten de patiënten dus niet alléén aan ons binden door de goede geneeskundige hulp in onze afdeelingsziekenfondsen, maar wij moeten ook op een loyale manier de overeenkomsten uitvoeren, die onze maatschappij aangaat met andere instellingen; wij moeten toonen dat de patiënten bij die overeenkomsten even goede geneeskundige hulp krijgen. Wij behoeven dan ook niet bang te zijn, dat na vijf jaar de overeenkomst wordt opgezegd; de ervaring in Duitschland heeft dat geleerd, In de tweede plaats hebt u persoonlijk voor u allen het groote voordeel bereikt, dat de keuze van de patiënten, wanneer er een conflict komt, aan den kant van de huisartsen zal zijn. Mijnheer de voorzitter! Ik meen hiermede te hebben aangetoond dat samenwerking met andere organisaties gewenscht is. Ik geloof dat u allen overtuigd zijt dat die samenwerking ook mógelijk is. Ik hoop dat. na het aannemen van dezen leidraad, wij dat metterdaad zullen toonen. Ik hoop dat de onderhandelingen tot een goede samenwerking zullen leiden. Dan heb ik vertrouwen ten eerste in onze organisatie, ten

tweede in onze leden en, als het er op aankomt, in hun offervaardigheid.

De hoofdbestuurder-secretaris, de heer C. F» Schreve:

Mijne heeren! Ik zal het kort maken, maar ik wensch nog een enkel woord te zeggen, en dat wel naar aanleiding van de vraag van den afgevaardigde der afdeeling Nijmegen en O., of door het aannemen van onzen leidraad, onze afdeelingsziekenfondsen niet doodgeboren kinderen zouden worden. Ik heb de overtuiging, dat daardoor onze afdeelingsziekenfondsen geen doodgeboren kinderen

Sluiten