Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

diagnotiseerd zijn. Antwoord; ja. De diagnose: voortzetting van 't. carcinoom op de cardia had kunnen worden uitgesloten, wijl de sonde reeds de cardia gepasseerd was. De subject, klacht van den patiënt — slikstoornis — was slechts schijnbaar, en door de verkleining der maag veroorzaakt. Wijl hij slechts kleine hoeveelheden verdroeg, meende hij niet te kunnen slikken. Eene vernauwing der cardia met uitzetting van den oesophagus, had kunnen uitgesloten worden, als men de lengte van het ingevoerde sonde-stuk nauwkeurig had gemeten. Merkwaardig is, dat de ileo-coecaal stenose geen verschijnselen heeft gegeven en dit berust wel op de absoluut vloeibare en zeer spaarzame voeding.

Tendeloo demonstreert hierop mikroskopische praeparaten.

Maag: (stuk uit fundus bij regio pylorica).

Slijmvlies, submucosa en spierrok verdikt, de laatste uitsluitend of ten deele (hypertrophie is niet met zekerheid uit te sluiten) door diffuse verdikking van het interstitieele bindweefsel en eveneens diffuse kleincellige infiltraten, eindelijk nog door eenige epitheelophoopinkjes.

Het slijuivlies is verdikt tengevolge van eene verlenging en vermeerdering der klierbuisjes, door kleincellige infiltraten en hier en daar geringe vermeerdering van het stroma. Die ophoopingen van meestal éénkernige witte bloedlichaampjes, hebben bijna overal den vorm van streepen tusschen de klierbuisjes, soms duidelijk, in lymphspleten van het interstitieele bindweefsel. Aan de oppervlakte is het slijmvlies nekrotisch.

Naar de submucosa toe wordt de kernkleuring sterker. In diezelfde richting worden sommige klierbuisjes dikker; hier en daar treedt in de diepste lagen van het slijmvlies adenocarcinoomvorm op (meerlagigheid van het klierepitheel).

De submucosa bestaat uit breede strooken meestal hyaline, vrij gelijkmatig kleincellig geinfiltreerd bindweefsel. In dat bindweefsel liggen hoopjes epitheelcellen, hier en daar duidelijk in lymphruimten; hun kernen zijn rond of ovaal en komen met die der klierepitheliën overeen. De vorm der cellen is

Sluiten