Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Rietema.

Een geval van Brocqsche neurodermie.

M. H. Patiënt, dien ik u hier voorstel, is sedert jareit lijdende aan eene huidziekte. We zien op eene overigens normale huid elliptische plekken van verschillende grootte, afwisselende van die eener handpalm tot die van een rijksdaalder. In die plekken kan men onderscheiden een centraal en een peripheer gedeelte. In het centrale deel, vooral der het langst bestaan hebbende plekken is de huid verdikt, onregelmatig van oppervlak en resistent. De kleur is roodachtig bruin, hier meer daar minder gefonceerd. Duidelijk ziet men, dat de huidplooien veel sterker op den voorgrond treden dan bij eene normale huid, zoodat ruiten van verschillende afmetingen ontstaan. In die plekken, waar de ziekte het oudst is wordt de ruitvorming onduidelijk en vindt men eene, op het gevoel, onregelmatige huid oppervlakte.

Aan den rand van het centrale deel wordt de huid vlakker en gaat over in de gezonde huid. In dat periphere deel ziet U tal van papels, tamelijk vlak, door sterk ontwikkelde huidplooien gescheiden, welke plooien, iets verder naar den rand,, in de normale huid overgaan.

Zooals in bijna alle gevallen dezer aandoening vinden we de zieke plekken aan de binnenvlakte der dijen, het sacraal deel der rug en den nek. Zij kunnen echter ook op de andere plaatsen voorkomen.

Onder verschillende namen is deze ziekte beschreven daar men het over de oorzaak nog niet eens is.

Sluiten