Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van het Schoolreglement in Staatsblad 1894 II5 193 wordt gelezen als volgt: „Ten behoeve van schoolbibliotheken kan jaarlijks voor elke school worden beschikt over ƒ 0.50 (vijftig cent) per leeiling van de hoogste en de middelste klassen". Hierdoor zijn op de openbare lagere scholen de openbare les en de uitdeeling van boekgeschenken, platen of getuigschriften vervallen.

Met het oog" daarop is bij mijne beschikking van heden 1T-' 6952a de hij dezerzijdsch besluit van 1 October 1894 ïl? 945 < (Bijblad II- 4989) vastgestelde Schoolinstructie gewijzigd.

Zooals in de bovenaangehaalde circulaire reeds werd aangeteekend, zullen de gelden voor de schoolbibliotheken worden gesteld ter beschikking van de Schoolcommissie, die in overleg met het hoofd der betrokken school, zonder verdere bemoeienis van het Departement of van den leverancier van leermiddeleu, de gelden zal aanwenden zooals in het belang der bibliotheek het nuttigst zal worden geoordeeld.

Aangezien het niet mogelijk is geweest de aanvragen van bedoelde uelden voor dit jaar in de maand Januari in te dienen, kunnen die gelden nog in Juni a. s. worden aangevraagd, volgens het overgelegd model Bijl. X\ lila.

Ten behoeve van ^er on^er toezicht staande

schooi wordt een exemplaar dezer circulaire aangeboden.

scholen worden de nooilige exemplaren "

II. Circ. Dir. O. E. N. 25 September 1909 II5 15244 aan de Eur. Schoolcommissiën.

Bij het Gouvernements besluit van 13 Juli jl. ü! 38 (Staatsblad 11! 370) is bepaald dat alinea 1 van artikel 11 van het Europeeseh Schoolreglement in Staatsblad 1908 1T 312 wordt gelezen als volgt: „Ten behoeve van schoolbibliotheken en voor het aanschaffen van bi] 'het onderwijs noodige aanschouwingsartikelen kan jaarlijks worden „beschikt over ƒ 0.40 (veertig cent) per leerling van de hoogste vi]t klassen".

" Ino-evolo-e de hierbij tot stand gekomen uitbreiding van de bestemming der o-elden, te voren uitsluitend voor de bibliotheken toegestaan, zijn°bij mijn beschikking van heden 1T 15242 in de Europeesche Schoolinstructie de noodige veranderingen aangebracht, tot toelichting waarvan, voor zoover noodig, het volgende moge dienen.

Werd tot dusver aan elke school, gelijk gezegd, uitsluitend ten behoeve van haar bibliotheek jaarlijks een bedrag toegekend, berekend naar den maatstaf van ƒ 0.40 per leerling van de hoogste vijf klassen, in het vervolg zal het in totaal voor alle scholen hier te lande beschikbare bedrag "naar behoefte over die scholen worden verdeeld, niet alleen voor aanvulling en onderhoud der bibliotheken, maar ook voor de aanschaffing van aanschouwingsartikelen.

Sluiten