Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hoséa meer dan vijf en veertig jaren geprofeteerd hebben, eer Achaz aan de regeering kwam. Voeg daar nu de zestien jaren bij, gedurende welke Achaz geregeerd heeft, en het getal klimt tot een en zestig. Nu blijven nog de jaren over, waarin hij onder de regeering van Hizkia geprofeteerd heeft, en zoo kan het niet anders of hij heeft zijn ambt meer dan zestig jaren, en waarschijnlijk zelfs tot over de zeventig jaren vervuld.

Hieruit blijkt met hoe groot een' moed en volharding hij door den Heiligen Geest was begiftigd. Maar als God onzen dienst, gedurende twintig of dertig jaren gebruikt, vinden wij dit zeer lastig en vermoeiend, inzonderheid als wij daarbij met slechte menschen hebben te strijden, en met hen, die niet gewillig het juk op zich nemen, maar ons hardnekkig tegenstaan. Dan wenschen wij maar terstond ontslagen te worden, en willen wezen als soldaten, die hun' tijd uitgediend hebben. Maar wanneer wij nu zien, dat deze profeet gedurende zoo langen tijd volhard heeft, zoo laat hij een voorbeeld voor ons wezen van geduld, zoodat wij niet vertwijfelen, al is het ook dat de Heere ons niet onmiddellijk van den last ontheft.

Zoo veel voor wat de vier door hem genoemde koningen betreft. Hij moet (gelijk ik zoo even heb aangetoond) gedurende bijna veertig jaren onder de regeering van koning Uzzia ot Azaria geprofeteerd hebben, en daarna nog gedurende eenige jaren onder de regeering van koning Achaz, (om nu maar niet te spreken vau de regeering van Jotham, welke met die zijns vaders gelijktijdig was), en hij ging nog voort tot aan den tijd van Hizkia. Doch waarom heeft hij inzonderheid Jerobeam, den zoon van Joas, vermeld, daar hij toch onder diens regeering niet dan slechts gedurende een kort tijdsbestek geprofeteerd kon hebben ? Zijn zoon Zacharia volgde hem op ; daarna kwam de samenspanning van Sallum, die spoedig gedood werd, waarna er groote verwarring iu het koninkrijk ontstond, totdat ten slotte de Assyriërs onder Salmaneser de tien stammen gevankelijk wegvoerden, die toen verstrooid werden onder de Mediërs. En daar dit nu het geval was, hoe is het dan, dat de profeet slechts melding maakt van één koning van Israël ? Dit schijnt vreemd, want hij bleef zijn ambt vervullen tot aan het einde en den ondergang des rijks. Hef antwoord kan echter gemakkelijk gegeven worden : hij wenschte nadrukkelijk te verklaren, dat hij begon te leeren, toen de staat nog in zijn geheel was, want, indien hij na den dood van Jerobeam had geprofeteerd, dan zou hij naar den toenmaligen staat van zaken hebben kunnen gissen, dat eene groote ramp aanstaande was, en dan zou het |geene profetie zijn geweest, of zijn gezag zou er tenminste door verminderd zijn. //Hij voorspelt hetgeen toch, voorwaar! voor ieders oogen duidelijk is". Want Zacharia

Sluiten