Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

maar ook door hunne zonden te bezoeken met Zijne oor-

deelen. .,

Nu vol ft : Omdat er geene trouw, en geene weldadigheid, en qeene kennis van God in het land is. De twist, zeide hij, zal ziin met de inwoners des lands : door de inwoners des lands verstaat hij het geheele volk, alsof hij zeide: „Niet slechts enkele menschen zijn verdorven, maar alle soorten van slechtheid hebben overal de overhand'7. En om dezelfde reden voegt hij er bij, dat er geene trouw, enz. in het land was ; alsot hij zeide: „Zij, die zondigen, verbergen zich thans niet in hoeken en holen; zij zoeken geene afgelegene plaatsen, als degenen, die zich schamen, maar er heerscht overal zoo veel losbandigheid, dat het gansche land vervuld is van verachting van bod en van misdaden". Dit was eene strenge bestraffing voor hoogmoedige menschen. Wij weten, hoezeer de Tsraelieten zich vleiden, daarom was het noodig, dat de profeet zoo scherp sprak tot het weerspannige volk, want eene zachte, vriendelijke waaischuwing blijkt slechts kracht te oefenen bij hen, die nederig en leerzaam zijn. Als de wereld verhard wordt tegen God, dan is zulk eene ernstige en strenge behandeling noodig als dooide woorden van den profeet aangeduid worden. Laten zij dan, aan wie de last van onderwijzen is opgedragen, wèl toezien, dat zij geene zachtzinnige vermaningen of waarschuwingen richten tot menschen, die verhard zijn in hunne ondeugden, laten zii de heftigheid van den profeet navolgen.

Wii zeiden bij het begin, dat de profeet eene gewichtige reden had om zoo gloeiend verontwaardigd te zijn ; hij laat zich niet dwaselijk door ijver vervoeren; maar hij wist te doen te hebben met menschen, die zoo hardnekkig waren, dat men op geene andere wijze met hen kon handelen. De profeet bestraft thans niet slechts ééne soort van kwaad, maar voegt allerlei misdaden bij elkander; alsof hij zeide, dat de Israelieten op alle mogelijke wijzen verdorven waren. Hij zegt ten eerste, dat onder hen geene trouw, en geene weldadigheid was. Hij spreekt hier ^ an hunne veronachtzaming van de tweede tatel der wet; wan daardoor komt de goddeloosheid der menschen sneller in het licht, dat is, als men hun leven nagaat; want de geveinsden beliiden luide en met schoone woorden den naam van boel, en hebben den mond vol van hun geloof, en dan bedekken zij hunne ondeugden met een uiterlijk vertoon van Godsvereenng en koude, onbeduidende godsdienstige oefeningen; ja het; is maar al te dikwijls het geval wat Jeremia zegt, n.1. dat „het huis Gods tot eene spelonk der moordenaren" gemaa^t woidt, (Jer. 7 : 11). Vandaar, dat de profeten, om de goddeloozen openbaar te maken, hun levensgedrag toetsen aan de voorschriften der liefde : „Gij zijt rechtzinnige aanbidders van God, gij

Sluiten