Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

echter, dat God door een klaar bewijs toen betuigd heeft, dat de Israelieten even schuldig waren als de Gibeonieten ; want, hoe kwam het, zeggen zij, dat zij, ten strijde uitgetogen zijnde, twee maal genoodzaakt waren terug te trekken ? Geheel Israël was gewapend opgetogen tegen één' stam, hoe kwam het, dat zij niet terstond de overwinning wegdroegen P Want wij weten, dat Benjamin niet zonder zware verliezen eindelijk geslagen werd. Het is dus zeker, dat God duidelijk aantoonde, dat de Israelieten zoo eervol een ambt onwaardig waren, want zij wilden het oordeel Gods uitvoeren, toen zij zeiven even schuldig zijn geweest. De Heere heeft er hen dus openlijk aan herinnerd, dat het hun niet betaamde hun' ijver jegens anderen aan te wenden, als zij zeiven niet minder schuldig waren. Aan anderen schijnt het toe, dat hier op hunne hardnekkigheid wordt gewezen : //Daar stonden zij", dat is : van dien tijd af zijn zij hardnekkig bij hunne goddeloosheid gebleven, en //de strijd tegen de kinderen der verkeerdheid heeft hen niet aangegrepen". Aan deze derde verklaring geef ik de voorkeur boven de andere, d.i. dat de Israelieten, toen zij snood en goddeloos geworden waren, hoewel grooten ijver aan den dag hebbende gelegd tegen de Benjaminieten, toch van dien tijd af niet opgehouden hebben van zich hardnekkig tegen God te gedragen, zoodat zij ten laatste aan het hoogste toppunt van ongerech igheid waren gekomen.

Maar hetgeen volgt: De strijd tegen de hinderen der verkeerdheid heeft ze niet aangegrepen, kan ook verschillend verklaard worden. Sommigen zeggen, dat de Israelieten zich niet met dit schild hadden behooren te verdedigen, dat God de Gibeonieten en hunne stamgenooten zoo strengelijk had gestraft. z/De Heere heeft u eenmaal gespaard, maar wat volgt hier nu uit? Hij heeft Zijne wrake lang uitgesteld; maar zal Hij daarom nu minder streng jegens u handelen ? Geenszins, want u wacht een zwaarder oordeel, want van dien tijd af heeft Hij u nog geen berouw kunnen ontwringen. Maar anderen lezen den volzin als eene vraag: //Heeft de strijd in Gibea tegen de kinderen der verkeerdheid u aangegrepen ?" De eenvoudige zin der woorden schijnt mij echter te zijn, dat de strijd de Israelieten niet had aangegrepen, omdat zij door dit voorbeeld niet waren getroffen. Wij weten, dat de oordeelen Gods ons voor oogen gesteld worden, opdat een iegelijk onzer ze tot zijn eigen nut en voordeel zou toepassen. Nu bestraft de profeet het verzuim der Israelieten in dit opzicht omdat zij op die gebeurtenis geen acht hebben geslagen, alsof het eene zaak van geen aanbelang was. Vandaar dat de strijd hen niet heeft aangegrepen, dat is : zij bespeurden niet, dat zij ten koste van anderen gewaarschuwd waren geworden en vermaand zich te

Sluiten