Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

uitgebluscht is. Met dit bewijs van het Goddelijk oordeel moeten wij tevreden zijn, dat God aan Zijnen knecht Abraham de heerschappij over Kanaans land belooft, en eindelijk de Kanaanieten aan de uitdelging prijs heeft gegeven. Maar omdat de Paus zoo sterk beweert, dat hij nu en dan profeteert, gelijk Kajafas deed, Johannes 11 vs. 51, wil ik om niet den schijn te hebben, dat ik hem alles ontzeg, hem niet betwisten, dat de titel, waarmee hij zich versiert, door den H. Geest is ingegeven. Hij zij een knecht der knechten, gelijk Kanaan.

26. Gezegend zij de Heere de God van Sem. Noach zegent de overige zonen, maar op verschillende wijze, want Sem wordt de hoogste eer waardig geacht. En dit is de reden, waarom Noach te midden zijner zegening God begint te prijzen, en niet bij den persoon des menschen blijft stilstaan. De Hebreen hebben de gewoonte, als over iets zeldzaams en uitnemends wordt gesproken, op te klimmen tot God. Daarom verheft zich de heilige man, toen hij gevoelde dat de meest overvloedige genade Gods voor zijn zoon Sem bestemd was, tot dankzegging.

Daaruit besluiten wij, dat Zijne woorden niet vleeschelijke gedachten bevatten, maar verborgene weldaden Gods, welker uitkomst voor langen tijd moest worden uitgesteld. Kortom met deze woorden wordt de toekomstige Goddelijke of hemelsche zegening van Sem aangeduid.

27. God breide Japlietk uit. In de Hebreeuwsche woorden is Japheth eene prachtige zinspeling op Japhthe. De stam van het woord is !"iri2y phatah en dit beteekent in 't Hebreeuwsch met zoete woorden lokken, of naar den eenen of anderen kant lokken. Doch hier vatten bijna alle uitleggers het op als „uitbreiden". Zoo deze uitlegging wordt aanvaard, is de zin aldus, dat de nakomelingen van Japheth, terwijl ze voor een tijd gescheiden en verwijderd waren van Sems tenten, eindelijk zich zouden uitbreiden, zoodat ze naderbij kwamen, en als het ware in ééne verblijfplaats woonden.

Mij komt deze vertaling aannemelijker voor: „liefkozend zal God Japheth terugvoeren, of zal God zich neigen tot Japheth". Overigens, welke van beide vertalingen wij ook volgen, Noach voorspelt hier, dat er eene tijdelijke verwijdering zou zijn tusschen Sem en Japheth, schoon hij beiden in zijn huis zou behouden en beiden tot wettige erfgenamen zou heb-

Sluiten