Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Over Wyckesteyn, dat in 1850 is gesloopt, zie men voorts het Tijdschrift van Sassen voor Noordbrab. Geschiedenis enz. 1 p. 56.

ZEVENBERGEN.

Deze stad ontleent haren naam aan zeven kanalen of killen, welke oudtijds daarheen leidden en waardoor de schepen, die van de stormen te lijden hadden, zich aldaar

daartegen konden bergen.

De plaats, alwaar zij zich bevindt, behoorde aanvankelijk tot het Graafschap Strijen tot dat in het jaar 1290 Willem van Strijen haar in leen gaf aan Willem van Strijen, den zoon van zijnen vooroverleden zoon Hugo. Sedert dien was zij eene afzonderlijke heerlijkheid.

Laatstgenoemde Willem van Strijen schijnt de stad Zevenbergen te hebben gesticht, welke daarna zich aanzienlijk uitbreidde, (zooals gebleken is uit de fundamenten van gebouwen, welke men later rondom die stad gevonden heeft,) totdat in 1421 de St. Elisabethsvloed vele van hare huizen verzwolg en de hooge zeedijk, die Zevenbergen te voren met Strijen had verbonden, wegspoelde, zoodat van toen af aan Zevenbergen door het Hollandsch Diep van Zuid-Holland

werd gescheiden.

Zevenbergen was oudtijds ommuurd en had alstoen binnen zijne muren een sterk kasteel staan, waarvan niet meer is na te gaan wanneer het werd gebouwd.

In 1426 was heer van Zevenbergen en het kasteel van dien naam Gerrit van Strijen. ') Hij hield toen de partij van Jacoba van Beieren tegen Hertog Philips van Bourgondie. Dat was zijn ongeluk, want deze sloeg daarom in gezegd jaar het beleg van Zevenbergen en haar kasteel.2) Nadat die gedurende veertien dagen lang sterk waren belegerd en het

n^Hii was de zoon van Hugeman van Strijen, den zoon van Oerrit van Strijen, die weder de zoon was van eenen Hugeman van Strijen, den

zoon 2^an'^ieV!ervoor Dr?C.'r. Hermans Oeschiedk. Mengelwerk II p.361.

Sluiten