Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

maels wesen sal tot ewigen dage daer aff sal uuytreicken ende betalen tot onser behoef alle jar op Sincte Martendach in den winter of binnen veertien daegen daernaer onbegrepen achte gulden oude Brabantsche picters.

Hierna werden nog met het voorschreven beleend . 1420 5 Mei Johan van der Zydwyn gelijk hij het had van onzen lieven vader en broeder voornoemd,

Willem van Besoyen bij overgifte van Jan van der

Zijtwijnde.

Floris van Wytfliet bij overgifte van Willem van Besoyen. 1432 Dirck van der Merwede bij overgifte van Floris

van Wytfliet. ^

1462 15 Sept. verklaarde Philips (van Bourgondie) dat bij hem teruggekeerd zijn de ambachtsheerlijkheid van den Zijtwinde en acht hoeven moers, nabij die heerlijkheid gelegen en dat hij die heerlijkheid nu verkoopt aan Jan Oudaert,

Heinrick van den Hout en Heinrick van den Doorne om die van hem te houden tot een onversterfelijk erfleen, zoomede vermelde moergronden. Of die verkoop effect sorteerde, blijkt niet, wel dat deze heerlijkheid later weder in het bezit van familie van der Merwede was, (waarschijnlijk de bastaardtak der van der Merwede's), van wie zij overging op die van Nuyssenburg, over welk geslacht men zie Taxandna XVIII p. 57 en 257. Het kasteel Zuidewijn werd verzwolgen door den St Elisabethsvloed van 1421. Het tegenwoordige kasteeltje van dien naam was oudtijds slechts eene steenen kamer die door de heeren van Zuidewijn metterwoon werd betrokken toen hun kasteel eene prooi der golven was geworden ; het behoort thans aan Jhr. mr. Bernard de Roy van Zuidewijn, oud-Griffier der Arondissements-Rechtbank te 's Bosch.

Sluiten