Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dingen mededeeling doet, welke dezen niet reeds van de boschwachters mochten hebben vernomen 1).

c. dat zoowel de mantri-politie als de boschwachters van alle hunne bevindingen onverwijld proces-verbaal opmaken, inhoudende :

le. de vermelding, dat het is opgemaakt op den eed, bij de aanvaarding der bediening afgelegd ;

2e. eene nauwkeurige omschrijving van het geconstateerde feit; 3e. de namen, kwaliteit en woonplaats van den verdachte ; 4e. de namen, kwaliteit en woonplaats der personen, welke als getuigen zouden kunnen worden gehoord;

5e. de opsomming der in beslag genomen voorwerpen, welke als stukken van overtuiging zouden kunnen dienen.

Deze proces-verbaals moeten worden onderteekend door hem, die ze heeft opgemaakt en worden gevoegd bij het aan het districtshoofd uit te brengen verslag.

Art. 6. Waar bij de ontdekking van overtreding verbeurdverklaring is bedreigd, wordt de zaak, welke het onderwerp der overtreding uitmaakt, in beslag genomen en door den betrokken ambtenaar van het openbaar ministerie in bewaring gesteld en gehouden, tot dat de in overtreding bevonden persoon heeft verklaard in de verbeurdverklaring te berusten of door den rechter is uitspraak gedaan.

HOOFDSTUK III.

Van de straffen.

Art. 7. Boschdiefstal wordt, naar gelang van den landaard der schuldigen, gestraft met gevangenis of dwangarbeid buiten den ketting voor den tijd van drie maanden tot één jaar en eene geldboete van vijftig tot twee duizend gulden.

Indien de waarde van het hout minder bedraagt dan vijfentwintig gulden, worden de inlanders gestraft met tenarbeidstelling aan de publieke werken voor den kost zonder loon voor ten hoogste drie maanden.

ART. 8 Poging tot boschdiefstal wordt, naar gelang van den landaard der schuldigen, gestraft met gevangenis of tenarbeidstelling aan de publieke werken voor den kost zonder loon voor ten hoogste drie maanden.

1) Deze al. b. was reeds ingetrokken en vervangen bij Stbl. 1882 no. 148. welk Stbl. evenwel weder door Stbl. 1897 no. 137 buiten werking is gesteld, op grond der overweging dat het wenschelijk was om het personeel der boschpolitie weer onder de rechtstreeksche bevelen van^de europeesche technische ambtenaren van het Boschwezen te stellen.

Sluiten