Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

iid van al. 1 en met dien verstande, dat de aangifte moet zijn ingediend vóórdat de overgang een voldongen feit is.

ART. 11. Hij, die eenige verandering wenscht te brengen in hetgeen bij de aangifte, ter voldoening aan art. 10, is aangegeven, levert deswege vooraf eene nadere aangifte in, ten aanzien waarvan dezelfde bepalingen gelden als voor de oorspronkelijke aangifte. Het bewijs strekt in dit geval tot machtiging om aan het voornemen uitvoering te geven.

Noodzakelijke herstellingen, die niet op het bewijs van gedane aangifte kunnen wachten, mogen met voorkennis der ambtenaren terstond worden uitgevoerd.

Het niet vertoonen aan de ambtenaren op hunne aanvraag van werktuigen, pijpen of buizen wordt met overtreding van de eerste alinea van dit artikel gelijkgesteld.

ART. 12. Al wie, ook zonder eenig voornemen tot opvatting van het bedrijf van stoker of distillateur, eene buiten werking zijnde stokerij of distilleerderij, dan wel werktuigen, geschikt om een dier bedrijven uit te oefenen, in zijn bezit krijgt, moet daarvan vóór de inbezitneming of dadelijk bij het inbezittreden tegen bewijs ten kantore des ontvangers aangifte doen op den voet van art. 10, behoudens weglating uit de aangifte van hetgeen ten deze niet toepasselijk kan worden geacht.

Van deze verplichting zijn vrijgesteld de verkoopers, vervaardigers en herstellers van zoodanige werktuigen, voorzoover deze zich bevinden in hunne verkoop- en werkplaatsen, zoomede apothekers en scheikundigen, ten aanzien van in hunne laboratoria aanwezige distilleerketeltjes van minder dan tien liter inhoud.

ART. 13. Al wie een pakhuis of lokaal tot bergplaats wil bestemmen, doet daarvan tegen bewijs aangifte ten kantore des ontvangers op den voet van art 10, behoudens weglating uit de aangifte van hetgeen ten deze niet toepasselijk kan worden geacht. Het eerste lid der voorlaatste en de laatste alinea van dat art. gelden ook voor de toelating van bergplaatsen.

ART. 14. Boven elk van de naar den openbaren weg gekeerde ingangen eener stokerij, distilleerderij of bergplaats wordt een opschrift geplaatst, houdende in duidelijk zichtbare letters, in olieverf, de aanwijzing „Stokerij," „Distilleerderij der eerste klasse", „Distilleerderij der tweede klasse" of „Bergplaats van gedistilleerd", benevens den naam van den stoker, distillateur of handelaar.

ART. 15. Buiten de wettig toegelaten inrichtingen voor het vervaardigen uit gegiste grondstoffen, het zuiveren door overhaiing en het tot drank stoken van gedistilleerd, mag niemand een dier werkzaamheden verrichten.

Sluiten