Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK II.

Lossing.

ART. 5. Handelsgoederen mogen niet worden gelost, vóór dat de algemeene aangifte is gedaan, tusschen zonsondergang en zonsopgang.

De iossing moet geschieden binnen acht dagen na aankomst. De schepen moeten daartoe liggen op de gebruikelijke plaatsen.

Alle geloste goederen, zonder onderscheid, moeten dadelijk rechtstreeks en langs de gewone wegen worden overgebracht naar het kantoor van den ontvanger of naar eene andere door dezen aangewezen plaats.

Aan ondernemers van geregelde stoomvaartdiensten kan echter door het Hoofd van gewestelijk bestuur worden vergund de geloste goederen eerst op te slaan in panden of op erven, die èn van wege de ambtenaren èn van wege de ondernemers gesloten worden, of in lichters.

De eerstaanwezend ambtenaar is bevoegd afwijking dan de in dit artikel bedoelde bepalingen toe te staan, onder de noodige voorzorgen tegen misbruik.

Ten behoeve van stoomschepen, varende in geregelden dienst, kan de directeur van Financiën eene doorloopende vergunning tot afwijking verleenen van de bepaling van het eerste lid.

ART. 6. De goederen moeten door de belanghebbenden binnen acht dagen worden weggevoerd van het kantoor van den ontvanger of de andere in al. 3 van het vorig artikel bedoelde plaats.

Vooraf moet van de goederen de noodige aangifte ten uitvoer zijn gedaan.

De ontvanger is bevoegd den termijn te verlengen.

Goederen, die niet tijdig zijn weggevoerd, worden als onbeheerd beschouwd.

ART. 7. Van goederen, bestemd om met het vaartuig, waarmede zij over zee zijn aangebracht, te worden vervoerd naar eene plaats, waar geen kantoor gevestigd is, geschiedt de aangifte tot invoer tot verbruik vóór het vertrek van het vaartuig en in elk geval binnen acht dagen na aankomst.

Het schip moet ten anker komen of vastgelegd worden op eene door den ontvanger aangewezen plaats. Deze kan vorderen, dat de goederen worden gelost.

Hij is bevoegd, onder de noodige voorzorgen tegen misbruik, afwijkingen van dit artikel toe te staan.

ART. 8 en 8a. 1)

1) Art 8a is nieuw bijgevoegd bij SccL 1906 No. 330.

Sluiten