is toegevoegd aan uw favorieten.

De Minang Kabausche nagari

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

opgaan van het individu in de genealogische gemeenschap, hebben als dadelijk gevolg gemeen overleg; bij het matriarchaat in dezen vorm is geen plaats voor belangrijke beslissingen van één of van enkele individu's.

En de vorm van bestuur en soekoe-wezen waren er voor aangewezen het overleg ook over te brengen naar de balai, do raad- tevens rechtzaal.

Kamanakan baradjo ka mamas

mama'' baradjo ka panghoeloe

panghoeloe baradjo ka moepakat,

de mensch (kamanakan) heeft als baas den mamak, deze weer den paDghoeloe en de panghoeloe onderwerpt zich aan het overleg.

„Het overleg is onze oppermeester" zoude men deze papatah kunnen vertalen, die zoo sprekend zegt welke rol het overleg in de Minang Kabausche maatschappij speelt.

Boelè* aie de" pamboéloeah

Boelèi kato dès moepakat,

klinkt het verder: als een ronde straal komt het water uit de bamboe-leiding, en afgerond wordt de beslissing (alleen) door overleg.

Door overleg is alles mogelijk; „langs den weg van overleg," atèh djalan moepakat, is immers volkomen gelijkwaardig met atèh djalan kabanaran, langs den weg van waarheid, den eenig waren weg. Overleg ruimt alle hinderpalen op; in ocderliDg overleg kan men zelfs zoo noodig adat-voorschriften op zijde schuivenf „overleg is odzo oppermeester".

Eenstemmigheid. ^et overleg fflóet echter eenstemmigheid ver»

kregen worden.

Indien de inzichten bjj het moepakat verdeeld zijn, zoo wordt ervan gezegd: batoepang (verschil van meening) of balang (boLt, half wit, half zwart) ge* woodijk zegt men „batoepang" als de helft der aanwezigen vóór, de helft tegen een zaak is, terwijl gewoonlijk „balang" gebruikt wordt indien ± 1/3 vóór, 2/3 tegen is (sapatigo mawbalang doeo patigo manoe pang.)

Verdeeldheid. Blijft deze stemming bestaan, dan wordt de zaak, het voorstel, al spoedig afgewezen.

Js echter de zaak, waarom het gaat, ip den kern goed, dan wordt gewöOötyk zog lang geredeneerd, tQt