is toegevoegd aan uw favorieten.

Radio-telegrafie in de tropen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

mede als zons-opgangs- en ondergangsverschijnselen zijn beschouwd.

Bij zonsondergang treedt nu het omgekeerde op; mijne theorie geeft dus, ook voor deze overgangstoestanden, behoorlijk uitsluitsel. Er zijn mij geene verschijnselen bekend, welke er niet door verklaard worden.

Het bleek dat atmosferische toestanden hoogstens secundairen invloed op deze stelselmatig optredende verschijnselen hadden.

Resumeerende is dus in dit hoofdstuk behandeld het navolgende:

I. Allereerst werd aangetoond, dat van de Sommerfeldsche drie golfcomponenten de eerste (aardruim/e-straal) reeds voor zeer kleine afstanden en golflengten niet meer optreedt, de tweede (oppervlakte-golf) voor verbindingen als de beschrevene ook niet; voor zeer lange verbindingen, met zeer groote golflengte werkend, zijn er aanwijzingen, dat de component eveneens niet belangrijk is — een strikt bewijs van dit laatste kon echter tot heden niet gegeven worden.

De overblijvende component (luch/-ruimte-golf) beheerscht blijkbaar de verbinding, in ieder geval voor de geschetste bedrijfsomstandigheden.

II. Aangetoond werd, dat 's nachts deze ruimte-straal niet gebogen verloopt. Bewijs voor het bestaan van de Heavisidelaag in hoogere sferen werd gebracht, terwijl de hoogte ervan benaderd kon worden.

Daags bleek de straal sterk gekromd en wel naar de aarde toe. Hiermee valt Flemings' energie-overbrengingstheorie en wordt Eccles' theorie gesteund. Deze behoeft echter aanvulling om de tropische verschijnselen te verklaren, welke aanvulling door schrijver wordt gegeven.

III. Daags blijkt de ruimte-straal te bestaan uit een samenstel van korte, lichtgebogen baangedeelten die (door breking) met een knik in elkaar overgaan.