is toegevoegd aan uw favorieten.

Leerboek der plantkunde voor Nederlandsch-Indië

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Codiaeum variegatum is uit de Molukken afkomstig en wordt in tal van variëteiten met bontgevlekte, zeer verschillend gevormde bladeren onder den naam Croton gekweekt.

Croton tigUum is een heester of lage boom die wel gekweekt wordt terwille van de vergiftige, soms als geneesmiddel gebruikte zaden, waaruit ook de Crotonolie der apotheken bereid wordt. De zaden van Croton tiglium dienen ook wel eens als vischvergift.

Excoecaria Agallocha is een zeer beruchte Indische gifboom, het melksap kan, wanneer het in de oogen komt, blindheid veroorzaken. De boom draagt de Inlandsche namen Kajoe mata boeta of Kajoe boeta boeta en wordt in het Hollandsch wel eens Tijgermelkboom genoemd. Het is een tweehuizige heester of boom die in de nabijheid van het strand zeer veel op moerassige plaatsen voorkomt. De mannelijke bloemen zitten in katjes. Tot ditzelfde geslacht behoort een klein heestertje, Excoecaria bicolor, met bladeren die aan de onderzijde bloedrood gekleurd zijn, dat wel eens in tuinen wordt gekweekt.

Aleurites Moluccana is de bekende Kemiri, waarvan de zeer vetrijke zaden bij de bereiding van de rijsttafel gebruikt worden. Vroeger werden de Kemirizaden veel voor verlichtingsdoeleinden gebruikt, zij werden tot brij gestampt en dan om een dun rietje gesmeerd dat dan als een kaars branden kon. De Engelsche naam van deze, ook in Engelsch-Indië welbekende boom is „candlesticktree".

Antidesma Bunius is een boom waarvan de kleine, aan trossen groeiende steenvruchtjes (boeni of woeni) gegeten worden.

Mallotus tiliaefolius is een niet zelden in heggen voorkomende heester waarvan de hartvormige, op die van de Waroe gelijkende bladeren onaangenaam ruiken.

De Anacardiaceeën.

De Anacardiaceeën of Mangga-achtigen vormen een tamelijk groote familie die over de tropen en de aangrenzende warmere gematigde luchtstreken verspreid is. Het zijn boomen of heesters met verschillend gevormde bladeren en talrijke kleine bloemen in eindelingsche of okselstandige bloeiwijzen. Alle Anacardiaceeën bevatten gom- of harsachtige stoffen, die dikwijls blaartrekkende