is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijdrekenkundig overzicht van de vaderlandsche geschiedenis

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

II. MIDDELEEUWEN.

De geschiedenis der Middeleeuwen stelt ons de ontwikkeling der Germaansche volken voor, deels in de provinciën van 't voormalige Romeinsche rijk, deels in 't Midden en 't Noorden van Europa.

Aan den invloed van 't Christendom, de Romeinsche staatsinstellingen en den strijd met het Oosten hebben de Germaansche volken vooral hun ontwikkeling te danken.

Eigenaardige instellingen, waardoor het karakter der Middeleeuwen duidelijk uitkomt, zijn: a. 't leenstelsel, b. het ridderwezen, c. de hierarchie, d. het kloosterivezen en e. het gildewezen.

In het eerste tijkvak zien wij den invloed van de Romeinsche staatsinstellingen op de Germaansche volken, het ontstaan van 't leenstelsel en van de hierarchie en de vestiging van het groote Frankische rijk in 't Westen en van het Mohammedaansche in 't Oosten.

In het tweede tijdvak worden beide groote rijken in kleinere verdeeld. Duitschland krijgt de meeste macht in West-Europa en ontvangt het grootste deel van het vroegere Lotharingen. Zijn koningen krijgen den titel van Roomsch keizer. De geweldige strijd tussclien paus en keizer, of tusschen de geestelijke en wereldlijke macht vangt aan.

Het derde tijdvak schetst ons den strijd van 't Westen tegen 't Oosten, van 't Christendom tegen den Islam. Het geeft ons de grootste ontwikkeling van het leenstelsel en der hierarchie, en dus den bloeitijd van de Middeleeuwen, te aanschouwen. Door de kruistochten begint de derde stand zich uit te breiden en in welvaart toe te nemen.

In 't vierde tijdvak zien wij het verval van 't leenstelsel door de vestiging der onbeperkte koninklijke macht en de opkomst der steden, benevens de vermin-