is toegevoegd aan uw favorieten.

Verzameling voorschriften betreffende het inlandsch onderwijs

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3°. Het onderwijs omvat minstens:

a. het lezen en schrijven der Maleische taal met Latijnsch karakter;

b. de vier hoofdregels van het rekenen met geheele getallen. 4°. De scholen bestaan uit drie jaarklassen.

Aan bepaalde scholen kan met goedvinden van den Directeur van Onderwijs en Eeredienst door den beheerder een vierde klasse worden toegevoegd.

Tn die vierde klasse wordt, behalve in de vakken genoemd sub 3° van deze alinea, minstens onderwijs gegeven in: «. het rekenen met gewone en tiendeelige breuken;

b. de aardrijkskunde van de residentie Menado;

c. het teekenen.

De scholen met vier klassen heeten uitgebreide, die met drie klassen eenvoudige scholen.

De leerlingen der eerste of laagste klasse ontvangen dagelijks gedurende minstens twee en een half uur onderwijs, die der tweede, derde en vierde klasse gedurende minstens drie uur.

Yan de lesuren kan in elke klasse tweemaal in de week drie kwartier voor godsdienstonderwijs worden afgenomen. Kinderen, wier ouders zulks verlangen, worden van dit godsdienstonderwijs vrijgesteld.

5°. Het gemiddeld aantal geregeld de school bezoekende leerlingen moet in de onderafdeelingen Menado, Tondano en Amoerang minstens 25, in de onderafdeelingen Sangi-eïlanden en Talaud-eilanden minstens 20 bedragen.

Dit aantal wordt berekend over de twaalf maanden voorafgaande aan die, waarin de aanvraag om subsidie wordt ingediend (1), met dien verstande, dat deze termijn voor bestaande scholen ten behoeve waarvan voor de eerste maal subsidie wordt aangevraagd, kan worden verkort tot drie maanden en voor pas opgerichte scholen tot den duur van haar bestaan. 6°. Het hoofd der school wordt bijgestaan:

door minstens één hulponderwijzer of kweekeling, wanneer I het aantal geregeld de school bezoekende leerlingen, berekend als in de vorige alinea is aangegeven, van 51 tot 130 bedraagt, door minstens twee hulponderwijzers of kweekelingen, als het van 131 tot 220,

door minstens 3 hulponderwijzers of kweekelingen als het van 221 tot 320 bedraagt,

daarboven voor elk 100-tal of gedeelte daarvan door nog een hulponderwijzer of kweekeling.

6°cf. Het hoofd der school en de hulponderwijzers en kweekelingen, die het hoofd der school bijstaan, voor zoover

t1) Zie voor de berekening van het gemiddeld aantal de school bezoekende leerlingen circ. Dir. O. E. 2 November 1914 n? 22009, blz. 624.