is toegevoegd aan uw favorieten.

Honderd brieven aan de redactie van het Bataviaasch Handelsblad

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3

maakt dit wel af, maar zóóveel plaats heb ik niet. Onmogelijk. Maar," zei de kapitein, „laten we even beneden een kouden split nemen." Toen we alleen waren: „Zeg, hoeveel verdien ik er aan?"

„Nu, zooveel voor elk dier dat ge goed overbrengt."

„All right, ik zal er voor zorgen, nog één koude split?"

Mijn boy, een snuggere Bataviasche, kreeg er pleizier in. Dat is hier alles wel aardig ingepikt, maar ik geloof toch dat de kleine man op Java beter af is, vond hij. En zijn grootste genoegen bestond daarin om allerlei autoriteiten en autoriteitjes een loer te draaien.

Ja, wij moeten engelsch-indische toestanden noodig tot voorbeeld nemen.

89ste Brief. — We zijn geen koelies.

13 November 1912.

„Ja maar, wij zijn geen koelies!"

Dat antwoord kreeg ik meermalen bij mijn pogingen om de heerendiensten af te schaffen tegen een geringe verhooging van het hoofdgeld.

Als ik Kromo zoo zag zwoegen bij zijn drukkenden heerendienst, doodsbenauwd om een zweetdroppel meer te verliezen dan zijn kameraden, dan ging me dat economisch verlies aan arbeid toch aan mijn hart. Kromo kwam op zijn gemak aankuieren en werkte op zijn gemak en ging zoo vroeg mogelijk naar huis, en hetgeen hij gepresteerd had, werd opgeteekend als een dagdienst

van 12 uren en dan werden al mijn medeopheffers en ik altijd en eeuwig

uitgemaakt voor leugenaars, smokkelaars, officieele waarheid-verkondigers, dat zijn synoniemen.

Jawel, ze zeggen wel dat maar 15 dagdiensten zijn gepresteerd, maar dat

is de officieele waarheid.

Een ieder, die over heerendiensten meeschrijft, is het er over eens dat, als wij rapporteerden dat er 10 heerendiensten per jaar en per man gepresteerd waren geworden, dat de waarheid wel zou zijn: 3 maal meer.

Enfin, een mensch went aan alles. Laat u de laster zoo langzamerhand óók niet koud?

Nu, wij zijn ook al bijna immuun. Zoo'n heele lichte aandoening van