is toegevoegd aan uw favorieten.

De wonderen van den sterrenhemel

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

maan. Doch deze laatste zijn veel menigvuldiger, daar de maan ongeveer éénmaal per maand voorbij de zon gaat, terwijl Venus, voor eiken terugkeer tot een volgende benedenste conjunctie, anderhalf jaar noodig heeft en Mercurius ongeveer vier maanden. Hieruit blijkt ook. dat overgangen van Mercurius veel menigvuldiger zullen voorkomen dan die van Yenus.

Tot vóór weinige jaren waren de „overgangen van Venus" van groote beteekenis voor de sterrenkundigen, want zij verschaften de beste, destijds beschikbare, middelen om den afstand van de zon tot de aarde te bepalen. Dit werd verkregen, door het bedrag der schijnbare verplaatsing van de planeet, op haren weg over de zonneschijf, van een bepaalde plaats op de aarde gezien, te vergelijken met de verplaatsing, die op een ver verwijderde, andere plaats op de aarde gezien werd. De laatste overgang van Venus had plaats in 4882 en er zal geen nieuwe voorkomen, vóór het jaar 2004, op den 8en Juni, tegen 40 uur 40 min. 's morgens.

Daarentegen zijn overgangen van Mercurius van geen groote wetenschappelijke beteekenis. Zij hebben geen belang als hemelverschijnsel voor den leek, want de afmetingen van de planeet zijn zoo klein, dat zij alleen met behulp van een kijker te zien is, terwijl zij over de zonneschijf heengaat. De laatste overgang van Mercurius had plaats op den 44en November 4907 en de volgende zal niet te zien zijn vóór den 6en November 1914. De eerste, die een overgang van een binnenplaneet waarnam, was de beroemde Fransche natuurkundige Gassendi en wel: den overgang van Mercurius op den 7en December 4 631.

De eerste maal, dat, voor zoover bekend, ooit een overgang van Venus gezien werd, was op den 24en November 4639. De waarnemer was een zekere