Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Staat niet duurder zal werken dan de geoefende boorondernemers die in België werkten, iets wat men ook maar niet zoo grifweg mag veronderstellen. Wenscht men een onpartijdig oordeel te vernemen, omtrent de voorwaarden van afzetting en de ontginbaarheid van het in het Noorden van België ontdekte nieuwe steenkoolbekken, dat wellicht zal blijken ook in onze provincie Noord-Brabant en in andere provincies aanwezig te zijn, dan leze men de conclusies van het artikel van den heer Kersten in de Annales des Mines de Belgique 1903, le afl. Deze ingenieur zegt omtrent de in België verkregen uitkomsten:

„Wanneer men de resultaten samenvat, die tot nu toe „door de plaats gehad hebbende boringen verkregen werden, „dan kan men zich ongeveer een denkbeeld vormen van „de waarde van het in de Kempen ontsloten steenkoolbekken. Overal is dit bekken bedekt door eene zeer dikke „laag, welke geen steenkool bevat, en die slechts met „zeer groote kosten en zeer langzaam, door middel van „mijnputten, te doorboren zal wezen. Op verschillende „plaatsen, en voornamelijk daar waar men op groote diepte „springende waterbronnen heeft aangeboord, zal waarschijnlijk de kunst van den ingenieur eerst nieuwe systemen „moeten uitdenken, alvorens het gelukt, om door de lagen „heen te dringen; die deze springende bronnen bevatten en „die boven de steenkoolafzettingen liggen.

„Enkele boringen in Limburg hebben aangetoond dat, „direct op de steenkoolformatie, voor water doordringbare „lagen liggen en wanneer die lagen waterhoudend zijn, wat „men op het oogenblik nog moeilijk kan zeggen, dan „zouden deze voor de toekomstige exploitatie een voortdurende hinderpaal zijn en een bron van zeer belangrijke „uitgaven.

„Wat de steenkool zelve aangaat, zoo kan men slechts „zeggen, dat deze zich niet overal zoo rijk getoond heeft „als men oorspronkelijk meende te mogen aannemen. Wan-

Sluiten