Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

waarover hij loopt, zijn geheel met steenen opgevuld. Bij de afrondingen van het zich voortdurend slingerend bergpad, dat gemiddeld 20 voet breed is, zijn steenen wallen geplaatst.

Niets kan vergeleken worden bij het gevoel, dat den reiziger bezielt, die gedurende vele jaren in Perzië heeft geleefd, zich geestelijk en lichamelijk allerlei ontberingen heeft moeten getroosten, voortdurend het bewustzijn gehad heeft door de bevolking waaronder hij leefde als „onrein" te worden beschouwd, wanneer hij, de Russische grens bij Baj Girha overgetrokken zijnde, zich weder in eene beschaving bevindt, die in Europa vooralsnog zeker zeer betrekkelijk zal worden geheeten, doch die niettemin voor den in Perzië vertoefd hebbenden vreemdeling een overgang vormt van een minimum tot het hoogste.

Men moet natuurlijk, om zulks in dit geval op prijs te stellen, onbehebt zijn met spijt en wrevel, uit eigenbelang voortspruitende, over hetgeen door Rusland in Midden-Azië is tot stand gebracht; doch alsdan valt het niet te ontkennen, dat de geschiedenis der ontwikkeling van den Russischen invloed aldaar eene hoogst belangrijke is, zoowel uit een humanitair, wetenschappelijk als staathuishoudkundig oogpunt.

Om het heden van het Russisch gebied in Midden-Azië te beoordeelen, alsmede om een denkbeeld te krijgen aangaande de toekomst, welke het te gemoet gaat, is de bloote opsomming der voornaamste op die ontwikkeling betrekking hebbende feiten welsprekender dan lange vertoogen.

Terwijl Rusland, bij het verdrag van Goelistan in 1813 met Perzië, de Kaukasische districten Georgië, Imeritië, Mingrelië, Perzisch Daghestan, Shirvan, Ganjeh, Karabagh, gedeelten van Talisch en de havens van Derbent en Bakoe verwierf, en het aan Perzië verboden werd oorlogsschepen in de Kaspische Zee te onderhouden, ten gevolge van welk verbod genoemde zee een Russisch meer werd, moest Perzië afstaan, bij het tractaat van Turkomantschaï in 1828, de districten Natschwan en Erivan; bij het verdrag van Adria-

Sluiten