Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verhooren van belanghebbenden dikwerf zijn op den voorgrond gebracht. Zij kunnen slechts zijdelings worden toegeschreven aan de eischen der organisatiën, in zoover het dienstbelang hierin geen dwingenden invloed kan hebben gehad. Bedoeld worden de bevoorrechte promotiebepalingen ten behoeve van twee sedentaire groepen onderofficieren, namelijk die van de schrijvers en van de conducteurs der artillerie.

§ 87. Naar de meening der Commissie is het niet oordeelkundig de sedentairen in een voordeeliger positie te stellen dan de actief-dienende onderofficieren. Indien verschillen in de positie hier onvermijdelijk zijn, zou een goede orde van zaken eischen dat de actief-dienenden de voordeeligste regeling hadden. Terwijl de sedentaire werkkringen een eenvormige en veelal gemakkelijke dagtaak opleggen, bestaat het dienen in den troep voor velen in periodieken, soms zware'n lichamelijken arbeid en in inspannende theoretische en practische instructie, die dagelijks nog aangevuld wordt met de beslommeringen welke de bevelstaak en het toezicht op de ondergeschikten meebrengen.

§ 88. De nieuwe regeling omtrent de candidaten-lijsten voor de sedentaire betrekkingen beeft de tegenstellingen in de vooruitzichten getemperd, maar niet weggenomen; vooral niet voor wat den leeftijd van pensionneeren betreft.

Het blijft een nadeel voor den dienst dat bekwame instructeurs en administrateurs door de bepalingen er toe gelokt worden om in een sedentaire functie over te gaan, zoodra hunne anciënniteit hun dat mogelijk maakt. De Commissie heeft leden van het troepenkader raadplegende, meermalen personen gehoord, die hoe lief zij hun actieven werkkring hadden, toch tegenover hun gezin zich verplicht rekenden er op bedacht te zijn om zoo spoedig doenlijk een overgang naar een sedentaire functie te verkrijgen.

Ook uit het hier ontwikkelde oogpunt schijnt het nuttig het instituut der sedentaire functiën, overeenkomstig de denkbeelden der Commissie, grondig te herzien.

Periodieke en automatische bevorderingen. Inleiding.

§ 89. Het streven naar gelijkheid van positie en van de bevorderingskansen voor alle onderofficieren van éénzelfden rang is in zijn volle consequentie uitgedrukt in den wensch van de vereeniging „Ons Belang", dat de onderofficieren van alle categorieën, als zij alleszins geschikt zijn voor bevordering, periodiek en automatisch de rangsverhooging zullen verkrijgen.

Voor de perioden van de bevordering van sergeanten en sergeant-majoors zijn door genoemde vereeniging 9 en 18 jaren gesteld^ De leden onzer Commissie, hoofdbestuurders van „Ons Belang", hebben echter verklaard ook met perioden resp van 12 en 20 jaren zich te kunnen vereenigen.

Afgezien van de door deze vereeniging vooropgezette termijnen van bevordering zou een automatisch en periodiek bevorderingsstelsel ook aan de andere leden-onderofficieren der Commissie ten zeerste welkom zijn.

§ 90. Het stelsel is uit sommige gezichtspunten voor de onderofficieren inderdaad aanlokkelijk. De verschillen in vooruitzichten tusschen sedentairen en gewone onderofficieren en tusschen alle categorieën van deze laatsten, zouden er mede weggenomen zijn. Alle „verkregen rechten", de vermeende zoowel als de werkelijke, die het aanbrengen van partiëele verbeteringen zoo dikwijls bemoeilijken, zouden met dit stelsel aanstonds worden gerealiseerd.

Een minderheid wenscht hier al aanstonds tegenover te plaatsen, dat de automatische bevordering er niet toe zal bijdragen om het personeel tot inspanning en arbeidzaamheid te prikkelen. In een stelsel dat voor den aangeworven militair reeds van meet af de tijdstippen van zijn toekomstige bevorderingen vaststelt, neemt men in den koop, dat van velen de

Sluiten