Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

College-ilictaat van een der studenten (Dogmatiek).

weinig gevonden. Men heeft geen besef van dat levensvolle bestaan Gods door het opus S^srov en het opus commune in decreto. Toch is het vooral oo - voor ons, zoo dringend noodig in die waarheid in te dringen, zullen we ontkomen aan het intellectualisme. Met name in de gereformeerde kerken vindt men van die dorre begripswerkers, ook onder de predikanten. Als ze maar weten te beredeneeren en met begrippen in mekaar te schuiven meenen ze klaar te zijn. En zoo treft men dominees aan die gelijken op iemand'

en rV^ h,°nfrige k°mt' 6n die nU Z6gt: Man' ie brood noodig,' , ,.r bestaat uit deeg, hetwelk uit graan bereid wordt, en waar wa er ij noodig is; en die dan, als hij dat alles anatomisch juist den man heeft voorgehouden, vraagt: En hoe smaakt het je nou? Zou die man hem met een slag in zijn gezicht geven ? De Heiland daarentegen gaat uit met de roepstem : Komt tot Mij, gij allen die dorst en hongert, Ik zal u Tr

vormen'? tZ Tm ^ ^ ZiCh geen begrip van de dingen kan

neerf 1' w T Ï T W° Z^k met voorbeelden op. Welnu, waar redeneert de Heiland in begrippen ? Altoos leert hij door beelden en gelijkenissen

ï1'1"6 6n vermoordende intellectualisme moet in de kerk S" g;:6n dmg f fö 200 dan dat juist van leerlingen dezer

Universiteit, als ze optreden in de kerken, het gerucht loopt, dat ze dien weg van het intellectualisme bewandelen. Dat ligt aan de manier, waarop vroeger de gereformeerde theologie is behandeld. Sla a Marck maar eens op • en wijs me dan een bladzij, waar ge een hart voelt kloppen, 't Is een begnppenkauwer, anders niet.

Wp.iTmee !S ,natUUrlijk niet geze^d' dat God een gevoelsgod is. In God is en denken een' Maar b« zijn ze onderscheiden, en vandaar het gevaar om het een ten koste van het andere op te offeren. Toch moeten ze samengaan. En een Hollandsch woord is er, dat de eenheid tusschen die beide schoon uitdrukt, n.1. het woord: denkbeeld.

III. Nog één punt eischt bespreking. Moeilijk n.1. is aan de vraag te ont'omen, wat het motief, de causa movens van de Schepping is geweest Indien toch het Eeuwige Wezen zelfgenoegzaam in Zichzelf is, en we ons het Eeuwige Wezen in Zijn zelfgenoegzaamheid niet deïstisch hebben voor te stellen als in eeuwige rust, maar als van eeuwigheid tot eeuwigheid in Zichzelven werkende het opus immanens SiaiQSXOV, en evenzoo als geheel den kosmos met al zijn verloop m Zichzelf door kunstconceptie bezittende, zoodat Hij van eeuwigheid

diende Tln1£ Y l'n vf'1 lnaking llad' dan rijst onwillekeurig de vraag: waartoe diende dan die Schepping? Is God zelfgenoegzaam, dan kan Hem toch niets

toegevoegd worden, dat Hem rijker maakt, dan moet het voor het Eeuwige

Sluiten