Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

behoeven te denken aan een menschelijk wezen. Of Christus werkelijk verrezen is, gaat Le Roy voort, weten wij evenmin; want het leven van een verrezen God is er een van een geheel anderen aard dan dat van den mensch; het is goddelijk, en valt dus niet onder onze verstandelijke kennis. Of Christus in het H. Sacrament aanwezig is, weten wij niet; want tegenwoordig is een wezen, als het waarneembaar is of zich in waarneembare werkingen openbaart; en dat zien wij bij het H. Sacrament niet. Omtrent de theoretische waarheden dezer drie dogma's — en hetzelfde geldt natuurlijk van alle andere — moeten wij ons dus passief houden. Wij mogen niet ontkennen, maar ook niet bevestigen; wij weten het eenvoudig niet. Terecht mogen wij als antwoord hierop de vraag stellen: Wat verplicht ons dan, practisch ons zoo te gedragen? Want van tweeën een: óf wel Christus is aanwezig in H. Sacrament, öf niet. In het eerste geval ben ik verplicht Hem in dat heilig Geheim Zijner liefde te aanbidden; in het laatste geval niet. Maar wanneer ik daaromtrent nu niets met zekerheid weet, waaruit laat zich dan de plicht afleiden, om aan het H. Sacrament goddelijke eer te bewijzen?

5. »Quinto: certissime teneo ac sincere projiteor, Fidem non esse coecum sensum religionis et latebris SUBCONSCIENTIAE erumpentem, sub pressione cordis et injlexionis voluntatis moraliter informatae, sed verurn assensutn intellectus veritati extrinsecus acceptae ex auditu, quo nempe quae a Deo personali, ereatore ac domino nostro dtcta, testata et revelata sunt, vera esse credimus, propter Dei auctoritatem summe veracis".

»Ten vijfde: ik houd met zekerheid vast en ik belijd met oprechtheid, dat het geloof niet is een blind godsdientig gevoel, dat uit de schuilhoeken van het «onderbewustzijn"

Sluiten