Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

schepseltje een zwaar vergift en kan de ergste gevolgen hebben. Op die wijze kan men den kleinen schreeuwer wel sussen,

maar dan is ie dronken, dat is vergiftigd. Welke

moeder zal haar kind vergiftigen? Wie zijn kind liefheeft, voedt het op in geheel-onthouding, ook van bier en wijn!

Zoo groeit het kind op, een dik, vet molletje. Het spartelt met armen en beentjes, volgt zijn moeder met de heldere oogjes, als wist het: dat is de bron van mijn leven, en schenkt haar zijn eerste lachjes.

Bij zonnig weer en weinig of geen wind gaat nu het kindje met moeder uit in de open lucht, want zij weet: geen plantje groeit zonder licht en lucht, en even onmisbaar zijn die voor haar lieveling. Met groote zorg waakt ze evenwel, dat het kleintje geen kou vat en dat het steeds door den neus ademt Daarom legt ze het dekentje onder den kin van het kind, dan blijft de mond gesloten.

Zoodra de eerste tandjes doorkomen — na een half jaar tot een jaar — is dit voor de moeder een bewijs, dat de kleine ook ander voedsel noodig begint te krijgen, een licht verteerbaar kostje: verschillende soorten pap, van melk gekookt; een zacht eitje, een beetje bouillon. Langzaam, heel langzaam ontwent nu het kind aan de moederborst en na enkele weken is de zuigeling-periode afgeloopen.

Reeds heeft het kind op den grond gekropen en zich opgericht. Nu begint het zich aan den poot van stoel of tafel omhoog te werken, en eindelijk is de overwinning behaald: het staat op eigen beenen; het aapke is een mensch geworden, die fier rond kijkt, als had hij de wereld veroverd.

Moeder lacht, maar ze is wijs; ze weet, dat de dunne pijpesteeltjes van kinderbeentjes niet lang en gedurig het zware lichaampje kunnen torsen, en daarom moedigt ze het kindje niet aan, maar laat het liever kruipen, en als het gaat staan, omringt ze het met waakzame zorg, dat het niet valt. 't Dreumeske oefent zich telkens en tekens weer, en na maanden loopt het aan moeders hand, later aan moeders rok door het huis, of — bij mooi, zonnig weer — in den tuin en over straat.

Aan moeders zijde, onder moeders oog groeit het kind op en neemt toe in kracht. Aan haar schoot leert het praten, onder hare leiding verwerft het kennis, en door haar liefde, haar algeheele toewijding en opoffering ontkiemt in

Sluiten