Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DERDE AFDEELING.

Van de orde van den inwendigen dienst bij de raden van beroep.

45. De leden en de plaatsvervangende leden ontvangen van den griffier de noodige kennisgevingen omtrent de terechtzittingen en andere bijeenkomsten, waarbij zij tegenwoordig moeten zijn.

In geval van verhindering stellen zij den voorzitter daarmede onverwijld in kennis.

46. De voorzitter wordt in geval van afwezigheid, belet of ontstentenis vervangen door den oudst benoemden plaatsvervangenden voorzitter, die beschikbaar is.

47. Bloedverwanten of aanverwanten tot den derden graad ingesloten kunnen niet te zamen voor de behandeling van een twistgeding zitting nemen in den raad van beroep.

48. De raad van beroep mag bij de behandeling van een twistgeding niet worden bijgestaan door een griffier, plaatsvervangenden griffier of beëedigden klerk ter griffie in bloedverwantschap of aanverwantschap tot den derden graad ingesloten bestaande aan een dergenen, die zitting hebben. 1

49. De zwagerschap houdt op door het overlijden der vrouw, die haar veroorzaakte.

50. De leden en de plaatsvervangende leden zijn verplicht van tusschen hen onderling, of met den griffier, de plaatsvervangende griffiers of de beëedigde klerken ter griffie bestaande bloedverwantschap of aanverwantschap tot den derden graad ingesloten onverwijld kennis te geven aan den voorzitter. Tot gelijke kennisgeving zijn de griffier, de plaatsvervangende griffiers en de beeëedigde klerken ter griffie verplicht, wat betreft tusschen hen en leden of plaatsvervangende leden bestaande bloedverwantschap of aanverwantschap tot den derden graad ingesloten. 1

51. Een bij den raad van beroep ingekomen verzoek om bericht of advies wordt beantwoord met inachtneming van de volgende bepalingen.

52. De voorzitter zendt aan ieder lid een door den griffier gewaarmerkt afschrift van het stuk.

1 Dit artikel is aldus gewijzigd bij besluit van 11 Juni 1917, S. 461.

Sluiten