Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De vergunning wordt verleend voor den tijd van drie jaren, doch kan in dien tijd worden ingetrokken, om bepaalde in de wet genoemde redenen.

Tegen besluiten tot weigering of intrekking der vergunning staat beroep open bij den Minister van Justitie. Bovendien verzekeren strafbepalingen de naleving van de wet.

Met het in werking treden van de wet vervallen alle gemeentelijke verordeningen op het stuk der woonwagens. Alléén blijven de gemeenteraden bevoegd in de gemeente een bepaalde plaats aan te wijzen, waar woonwagens en woonschepen eventueel zich moeten bevinden. Het verblijf in de gemeente aan woonwagens en woonschepen geheel te ontzeggen, zal echter niet meer geoorloofd zijn.

Ten slotte zorgt een overgangsbepaling er voor, dat die bewoners, die wèl een geoorloofd en voldoend middel van bestaan hebben doch wier woonwagen of woonschip onvoldoende is ingericht, gedurende hun leven dit voer- of vaartuig zullen mogen blijven bewonen. Het uitstervingssysteem wordt hier dus toegepast»

Bij de artikelen zal de strekking dezer bepalingen en de reden, waarom in sommige opzichten van het stelsel der Staatscommissie wordt afgeweken, nader worden uiteengezet. Op deze plaats worde volstaan met de mededeeling, dat de ingrijpendste wijzigingen betreffen :

a. de vermelding van de namen der personen, die in den woonwagen of het woonschip mogen wonen (art. 5);

b. den duur der vergunning (art. 8);

c. de mogelijkheid van beroep tegen weigering of intrekking der vergunning (artt. 15 en 16);

d. de bevoegdheid der gemeentebesturen na het in werking treden dezer wet (art. 31);

c. de overgangsbepaling.

In het Voorloopig Verslag (van 17 December 1913) werd met het voorstel tot ingrijpen door den wetgever vrij algemeen instemming uitgesproken. Immers :

„de in tal van gemeenten bestaande politiebepalingen blijken niet in staat, den door woonwagens en woonschepen veroorzaakten overlast te weren. Slechts hebben zij ten

Sluiten