is toegevoegd aan uw favorieten.

Wet van den 26sten Juli 1918, S. 492, zooals die wet is gewijzigd bij de wet van 11 Januari 1919, S. 16, houdende regeling betreffende woonwagens en woonschepen (Wet op woonwagens en woonschepen 1918, S.492)

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

beslissing gedurende een bepaalden, voor ver. lenging vatbaren termijn zal worden aangehouden, indien hij zich schriftelijk bereid verklaart tot nakoming van de hem daarbij gestelde voorwaarden. Be voorwaarden mogen de godsdienstige of staatkundige vrijheid niet beperken. In verband met de uitvoering van dit lid kan, naar regelen, door Onzen Minister van Justitie te stellen, subsidie of vergoeding van kosten worden verleend.

Artikel 12 is ook in geval van beroep tegem een besluit tot weigering der vergunning van toepassing.

De beslissing van Onzen Minister van Justitie op een ingesteld beroep is met redenen omkleed.

24. Indien de intrekking van een vergunning wordt overwogen, stelt Onze Commissaris in de provincie als regel den houder der vergunning door het doen uitreiken van een oproeping in de gelegenheid om door of vanwege Onzen Commissaris te worden gehoord. Bij zijn verschijning werden den houder der vergunning de redenen, waarom aanvankelijk intrekking der vergunning noodzakelijk wordt geacht, mondeling medegedeeld. Artikel 14, tweede lid, is van toepassing.

Op verzoek van den houder der vergunning kan worden bepaald, dat de besl issing gedurende een bepaalden, voor verlenging vatbaren termijn zal worden aangehouden, indien hij zich schriftelijk bereid verklaart tot nakoming van de hem daarbij gestelde voorwaarden. De voorwaarden mogen de godsdienstige of é laatkundige vrijheid niet beperken. In verband met de uitvoering van dit lid kan, naar regelen, door Onzen Minister van Justitie te stellen, subsidie of vergoeding van kosten worden verleend.

§ 4. Hei toezicht en het algemeen register.

25. Met het toezicht op woonwagens en woonschepen zijn. onverminderd het toezicht van anderen, in het bijzonder belast de burgemeesters. Zij handelen daarbij naar de aanwijzingen van Onzen Commissaris in de provincie.

Burgemeesters en ambtenaren belast met het toezicht op de nale ing van de Wet op