Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

«de Zondagen, maar dagelijks niet een halve uur kunnen uitsparen om ze door te brengen aan den voet van het altaax, naar de ziel vereenigd met Onzen Heer Jesus Christus? Hij is diar, onze goddelijke Jesus; Hij herinnert ons dat Hij, bij uitnemendheid, geweest is de man der smarten, en in hare volledigheid heeft bezeten de wetenschap der ellende, „virum dolorum et scientem infirmitatem" (i); maar Hij is van den dood verrezen, Hij is in de zegepraal zijner heerlijkheid gezeten aan de rechterhand zijns eeuwigen Vaders; en, gewaardigt Hij zich onder ons te verblijven om ons voedsel te wezen in het H. Sacram;eait des Autaars, dan is het om ons met zijn leven te vervullen, en ons te helpen, evenals Hij, de baan des lijdens op te gaan, opdat wij Hem zouden volgen in de vreugde der gelukzalige woonstede des Hemels. Moed, mijne Broeders, luistert naar onze vermaningen; woont alle dagen de H. Mis bij, draagt uw (misboek mede, volgt den priester van nabij, neemt met hem deel aan het H. feestmaal in de Communie, en het zal met lang duren of gij zult waarnemen dat uw leven verandert en dat onze goddelijke Jesus ons niet bedriegt wanneer Hij ons toespreekt: „Komt tot mij, gij allen die vermoeid zijt en gebukt „gaat; ik zal u verkwikken," „Venite ad me omnes qui laboratis „et onerati estis et ego reficiam vos." (2)

Laten wij met voorliefde den H. Joseph aanroepen gedurende deze maand Maart, hem door de godsvrucht des volks toegewijd. Vieren wij zijn Naamfeest. Bevelen wij hem onze huisgezinnen aan; vertrouwen wij hem de bescherming onzer soldaten toe.

Terwijl ik dit slot aan het schrijven ben, melden ons de nieuwsbladen in 't kort den inhoud van eenen Brief door den H. \ ader gericht aan den Kardinaal-Vicaris, waarin Zijne Heiligheid eenen tweevoudigen wensch uitdrukt, welken wij ons haasten te beantwoorden.

De Paus smeekt van de goddelijke barmhartigheid het einde af van de bloedige oorlogstwisten, welke Europa verscheuren. Wij verzoeken aan onze priesters de Collecte pro tempore belli (1) Isaias, LIII, 3. (2) Matth. XI, 29.

Sluiten