Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dwarrelende stofwolken licht verhinderen zouden, de nationale beteekenis van dezen grootsten Nederlander van zijn tijd te zien.

W.

Gereformeerde Kerkbode. ('s-Gravenhage).

Dr. A. Kuyper.

Gedachtig aan het woord van een wijze der vorige eeuw: „Er is een bewondering van voortreffelijke gaven Gods, die godsdienstig is", is het ons behoefte in onze Kerkbode ook, te getuigen van het voorrecht, dat wij hebben in het bezit van den man, wiens naam hier boven prijkt. Liefde van broederen en trouw van vrienden kan de grootsten onder ons verkwikken en dit te meer als het: „hatelijk zijnde en elkander hatende" tegenover hen vaak op de bitterste wijze in toepassing wordt en is gebracht.

Indien aan één, dan is aan Dr. Kuyper het woord bevestigd: „Zij hebben Mij gehaat, zij zullen ook U haten," een haat der wereld, die, om de belijdenis zijns Heeren hem toekomend, een: „welgelukzalig" van den Koning der kerk hem in de ziele fluistert.

Maar tegenover dien haat mag hij deelen in de ongeveinsde hoogachting en liefde van duizenden in den lande, die zich ééns geestes met hem kennen, wier gedachten en ervaringen hij menigwerf zoo aangrijpend schoon heeft vertolkt in de rijkste meditatiën; wier strijd hij heeft gestreden in woord en gebed; wier smaad hij heeft aanvaard, toen eer en roem in de wereld hem wenkten en de meest schitterende positie hem daar verzekerd was; wier Bijbel

Sluiten