Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1815.

27.

Hoeveel menschen zijn er wel bij elkander geweest ?

28. _

Waarom hebt gij, toen eenige menschen van Slachtersnek zich aan mij overgaven, en gij u ook reeds onder mijne bescherming bevondt, u weder van mij geabsenteerd ?

29.

Zondt gij den commandeerbrief herkennen, als dezelve u vertoond werd ?

30.

De commandeerbrief van Willem Fredrik Krugel in dato 12 November, 1815, aan den gedet: vertoond, en gevraagd zijnde of hij denzei ven herkent ?

31.

Heeft Willem Krugel ook aan de manschappen een eed laten doen ?

32.

Wat behelsde die eed P

33.

Wie heeft Krugel dien eed afgevergd ?

34.

Tot welk einde moest Krugel aan die menschen getrouw zijn ?

maar zeide dat hij degenen, die naar huis gingen, zoude laten vernielen van de Kaffers, met hunne vrouwen en kinderen.

Antwoord : Dat weet ik niet zeker ; ik denk tussehen de vijftig en zestig.

Antwoord : Ik was bang, omdat ik zoolang bij die mensohen geweest was : en daarom ben ik weggereden naar huis. Daar heb ik een ander paard genomen, en ben daarmede gereden naar den Adjunct Landdrost Yan de Graaff.

Antwoord : Ja, ik meen van

ja.

Antwoord : Zegt, Ja ! het i& dezelfde.

Antwoord : Ja ! maar ik heb niet gezworen, en vele anderen ook niet.

Antwoord : Dat weet ik niet. Ik heb de menschen maar onder elkander hooren praten dat er een eed gedaan was. Maar Krugel heeft gezworen, dat hij die menschen getrouw zoude blijven.

Antwoord : Dat weet ik niet, want ik was daar een eind van daan.

Antwoord : Dat weet ik niet.

Sluiten