Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1816.

34.

Hadt gij niet hoeren spreken, Antwoord: Ja, zoo werd gedat de Adjunct Landdrost Yan zegd.

de Graait daar zoude komen F

35.

Wat is er gebeurd Op Slagtersnek ?

36.

Hebt gij, op den kop van Slagtersnek zijnde, niet eenige inenschen zien op komen ?

37.

Hebt gij- niet nog eenige anderen zien opkomen ?

38.

Waar kwamen die vandaan ?

39.

Welke boodschap kwam hij brengen ?

40.

Welken invloed had die tijding op 't gemoed der menigte ?

41.

Moot gij niet erkennen door u bij die gewapende menigte begeven en opgehouden te hebben, kwaad gedaan en straf verdiend te hebben ?

Antwoord: Haar is 't Commando van den Landdrost Ouyler gekomen, en toen heeft Bezuidenhout gelast dat wij tegen den top moesten optrekken, want hij wilde zich tegen zetten ; en indien wij het niet hadden tegengehouden, had hij zeker op de Dragonders geschoten.

Antwoord: Ja, Hendrik Bezuidenhout Wijnand zn: en drie anderen, die van de legplaats van Wijnand Bezuidenhout kwamen : zij waren daarheen gereden om kost te halen.

Antwoord: Ja, Faber en eenige anderen.

Antwoord: Faber kwam uit Kafferland.

Antwoord : Ik heb hem zeiven niet gesproken, maar ik heb gehoord dat hij met de Kaffers eens geworden was, maar dat zij nog niet klaar waren.

Antwoord: Ik was aan 't afkomen, ik ben verder afgekomen, en heb mij overgegeven.

Antwoord: Kwaad is het, maar ik ben er onwetend ingekomen, en gedwongen.

Sluiten