Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

houd heeft van 1,132 kubieke meter of 40 kubieke Engelsche voet.

Scheepsverklaring'. Zie Schipper.

Scheepswacht is de wachtdienst op oorlogsen handelsschepen die vereischt wordt voor de bediening van de machines of zeilen, voor den waarnemingsdienst, voor het besturen van het roer, van de seintoestellen, van de reddingsbooten, van de diep-, lood-, en logmachines, van de veiligheidsmaatregelen enz., zoodat op zee gewoonlijk de halve bezetting op wacht is, die echter bij dag aan andere bezigheden deel neemt. Des nachts mogen de personen der scheepswacht, die zich niet op post enz. bevinden, rusten. De scheepswacht staat onder het bevel van den wachthebbenden officier, aan wien ieder aan boord, behalve de commandant en eerste officier, gehoorzaamheid verschuldigd is. Hij leidt de wacht van de commandobrug en draagt de volle verantwoordelijkheid voor de veiligheid van het schip. De officieren (stuurlieden op handelsschepen) worden 3 a 4 keer afgelost. Het machinepersoneel wordt onder leiding van de machineïngenieurs en

machinisten 3 keer -afgelost. Alle wachten duren 4 uur en worden in 8 glazen verdeeld. De kapitein heeft geen bepaalde wacht,kan echter steeds naar zijn eigen goeddunken tegenwoordig zijn en ingrijpen.

Scheepvaart omvat de binnenscheepvaart (zie aldaar), de kustvaart (zie aldaar) en de zeescheepvaart. Bij de laatste onderscheidt men de vaart langs geregelde lijnen en de onregelmatige vaarten (Trampvaart). Tegenwoordig is de vaart langs geregelde lijnen, waarbij op vooraf vastgestelde tijden bepaalde havens worden aangedaan, de gewone; alleen bij de kleine scheepvaart worden vrachten nog wel op ongeregelde tijden vervoerd (zie Scheepvaartmaatschappijen). De scheepvaart bedient zich van zeil- en van stoomschepen; de laatsten nemen meer en meer toe, zoodat thans zeilschepen bijna alleen nog voor het vervoer van grondstoffen, die een groote ruimte beslaan of weinig waarde bezitten, worden gebruikt. De verhouding tusschen zeilschepen en stoomschepen van de geheele wereld in de jaren 1890 en 1905 blijkt uit onderstaande tabel:

Houten schepen. IJzeren schepen. Stalen schepen.

Aantal. Tonnen- Aantal. Tonnen- Aantal, i Tonneninhoud. inhoud. | inhoud.

i aan ƒ Stoomschepen 902 360 147 7 719 8 495 920 2 343 4 086 555

189U \ Zeilschepen 18 924 6 693 738 1 879 2 021 593 248 348 653,

-lont; / Stoomschepen 1329 435 444 5 523! 4 802 490 12 095 24 648 6fff

lyUo \ Zeilschepen 8 017 2 959 406 1154 | 1 242 334 1 368 1 797 331

Op het gebied van de scheepvaart lieerscht veel concurrentie, die tot de oprichting van een aantal groote maatschappijen geleid heeft. Vele kleinere maatschappijen zijn in deze opgegaan of van hen afhankelijk geworden (zie Scheepvaartmaatschappijen en Scheepvaarttrust). Aan den wereldhandel op zee neemt Engeland deel met ongeveer 50%, Duitschland met ongeveer 10 %, Amerika, Frankrijk en Noorwegen, ieder ongeveer met 4 %, Italië, Spanje en Rusland met ongeveer 3 %, Japan, Nederland, Zweden, Oostenrijk-Hongarije en Denemarken met ongeveer 2%, Griekenland met 1 %, België, Brazilië en Turkije met ongeveer 0,5 %. In Engeland heeft de onregelmatige of trampvaart goede resultaten. De grootte in 1000 registertonnen, netto ruimte der stoomschepen van de voornaamste zeestaten en de toeneming in de jaren 1905—1908 blijkt uit het volgende staatje, waarin alleen stoomschepen met meer dan 100 ton inhoud opgenomen zijn:

LANDEN. 1905-1906 1906-1907 1907-1908

Engeland 9 237,6 9 782,4 10 183,4

Duitschland .... 1884,9 2 109,6 2 267,9

Vereen. Staten .. 1188,6 1193,8 1 263,5

Noorwegen 658,2 716,9 775,4

Frankrijk 715,9 720,5 736,9

Japan 537,3 611,2 666,1

Italië 463,6 492,5 518,1

LANDEN.

1905-1906

Rusland 422,6 466,9 505,8

Zweden 398,3 427,4 459,1

Nederland ... 409,6 436,3 510,3

Spanje 431,3 418,4 422,6

Uvenge landen . 1 415,2 1 551,5 1 7Ut>,»

Zie voor de Nederlandsche scheepvaart het hoofd¬

stuk Scheepvaart bij het artikel Nederland.

Volgens Lloyds Register is de staat in 1910 ver* geleken met 1900, als volgt (gross tonnage):

1906-1907

1907-1908

LANDEN.

Engeland met de kol. Amerika zonder de

meren

Duitschland

Frankrijk

Noorwegen

Japan

Italië

Nederland

Zweden

Oostenrijk-Hongarije

Spanje

Denemarken

Totaal

1900

12 149 000

879 000 2 160 000 1052 000 765 000 488 000 540 000 467 000 419 000 387 000 642 000 412 000

20 360 000

1910

18 059 000

1 642 000 3 959 000 1 448 000 1 422 000 1147 000 988 000 983 000 783 000 778 000 747 000 672 000 32 628 00Ó'

Sluiten