Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hat. WC^zer' J°llann Jacób, een Zwitsersch den lurvorsc'ler> geboren in 1672 te Zürich, beschreef $ 7 reuzensalamander van Oehnirgen (Andreas «-euchzeri) als Homo diluvi i testis (1726) en schreef: fin '^Ses®hichte des Schweizerlandes" (uitgegeven

UUOr Sul*™ O .17,. £7,7„ Jl_ 7 -.r-m-, -™v .° °

odertï '. um-' ^ utuk,.woz), „.rnysica sacra

1731 7n Wibsenscnaii aer neuigen öcnriit"(4 dln., en ir «Kspium querelae et vindiciae"(1708) l7gq"erbarium diluvianum"(1709) Hij overleed in urid , eerste stadsgeneesheer en hoogleeraar in de ^kunde te Zürich.

.0keurbuik (scorlutus) is een ziekte met zeer derfSSe nc'e verschijnselen. Zij berust op bloedhete en wordt dan ook tot de haemorrhagische ziektan , ei}d, allen een neiging hebben om sponüiaa • ec'™Sen te veroorzaken, vooral in de huid, Wri 2e^den ook in slijmvliezen, spieren en ge-

Verf ' .zware vormen van scheurbuik althans )]j0 j?nen niet zelden neus- maag- darm- of nieris We 'i-f6"' ^an 'laar voornaamste kenmerken Van W * 1C*' zwelliIrg, paarskleurige roodheid en pijn tanrip „"dvleesch, verbonden met het losgaan der bH aj?n' . tandvleesch bloedt bij aanraking, maar

is j van tauuen oniDreeKt Qie ontstemng,

Voort ^ Aderen en oude menschen te vinden, de W • ee^t c'e ^der l°omheid in de beenen, pijn in Verst lee"' lusteloosheid, gestoorden eetlust, eerst eenp-p^^1^' ^an buikloop, een vale gelaatskleur en Die 17Vo j.van somberheid en neiging tot bloedingen. roodp ?i i "®er! z'^en ^,en deele als talrijke donkerdiep vlekken in de huid der beenen maar ook in het Door1? on.c'erbuidsche bindweefsel en in de spieren, acjji- diffusie der bloedkleurstof ontstaan blauwde nl^kLaan Srenzen groenachtig of geel gekleurbloed' n" Alleen in zware gevallen vindt men die Ven vln£en °°k aan romP en armen. Door 't afsterb]rwiari er|kele deelen der huid ten gevolge van de

künno - kunnen zweren ontstaan, die zich zeer loon 1-" U1™reiden. Het kan tot een doodelijken afderen °m®n ^°.or waterzucht, necrose der kaakbeen'°nffeiion ^ek™g van de sereuze vliezen van hart of v°orkr> Pnellmoniën enz. Maar de bij ons nu en dan Palen J?, e vormen verloopen goedaardig en behet tanï i t0^ algemeene stoornis, ontsteking van ziekté ;eesc'1 en bloedingen aan de beenen. De voIbt ; 00nt zich vooral op schepen die overbee« in 'c4.n ,Voclltige gestichten, die te druk bewoond,

i ***■ arfinon n •• • i '

dorven 1, II' u«^gera zijn, mzonaerneid bij befeilde « j. voedsel en tot treurigheid stem-

Kol— ^^-Sttindip'hnHfin Vnnr rlp ff0n07inrr io linl rlnv

-*UAV0 -r»n , O ' W ucu UCI-

te net hoogste belang. genoemde ooraal-pn

groentpv, ren want> al geeft men ook graag veel

üebben i «uenren, Depaald specmeken invloed ?ePelkrii;^Ze ?ie.t' evenmin als het veelgeroemde in gem;^ ' 00* is de oorzaak volstrekt niet altijd yleesch t Van P^tenkost of overmate van pekelk°Dit 6 zoeken, zooals op de schepen veel voorSoV.

?taatSm_errKestn©r7 Auguste.

a' geboren den llden Feh

Ziin „ , E.. nam dfi dirpp.tifi van rlp fnl-vrfoV Tm»,

Zlir» loon vader Kp.sfnpr f.ft TViann nn yiVh Wn^n

^eivpvS ^^sche gezindheid werd hii onder het

^ee]f] l 4 maanden gevangenisstraf veroor-

ebruari 1871 tot lid van de Nationale

iftschp tt • o zen? behoorde hij tot de republi^0t benop j6'^n werd hij tot levenslang sena'nid, wer(j ja^er vice.presi(ient van ,jen

een Fransch

Februari -1833 te

senaat en was eenigen tijd directeur van het tijdschrift van Gambetta. „La République frai oaise". Sedert 1897 ijverde hij met kracht voor de herziening van het proces van den naar zijn overtuiging onschuldig veroordeelden 1™™+^ tt§

schreef: ..Pouvoir calnrifinno rlsa mmKnoWi,!™ _.i;

V 1- vumwuoUUlCÖ ÖUil-

des, liquides et gazeux"(1896), en „Souvenirs de jeunesse"(1905) en overleed den 19a™ September 1899 te Parijs. Den llden Februari 1908 werd te Parijs een gedenkteeken voor hem opgericht

Sckeurl, Christoph Gottlieb Adolf vori een Duitsch rechtsgeleerde, geboren te Neurenberg den 7"™ Januari 1811, studeerde te Erlangen en te München, vestigde zich in 1836 te Erlangen als privaatdocent en werd er in 1845 gewoon hoogleeraar. In 1856 werd hii door de thenlno-i'cr.v,^

. J . - xauuiteib

tot doctor in de theologie benoemd. In 1881 nam hij zijn ontslag als hoogleeraar. Hij overleed den 24sten Januari 1898 te Erlangen Van 18/ip; iqko

-- ö * ' -LUL»i7

was bij bij herhaling lid van de Tweede Kamer in

T HflfH .1 1 •• 1 _

-utueieii. ui loo^t weru mj in aen vrijneerenstand opgenomen. Hij schreef o.a.: „Lehrbuch der Institutionen" (8ste druk, 1883), „Beitrage zur Bearbeitung des römischen Reclits"(2 dln., 1851—1871;

„weitere Beitrage," a afleveringen, 1884—1886), „Zur Lehre vom Kirchenregiment"(1862), „Bekenntniskirche und Landeskirche"(1868), „Sammlung Mrchenrechtlicher Abhandlungen"(4 dïn.,1872 ~-1874), „Die Entwicklung des kirchlichen Eheschliessungsreclits"(1877)en „Das gemeine deutsche Eherecht"(1882). Sedert 1857 was hij mederedacteur van do „Zeitschrift für Protestantismus und Kirche."

Scheurleer. DflfUfip] ÏÏvnin/irvie r,™ 1\T„J

i J 1 1„ T~ 7 x cci 1 i\euci-

landsch bankier en muziekgeleerde, geboren den 13den November 1855 te 's Gravenhage, bezocht de handelsschool te Dresden, waar hij ook studie maakte van de muziek en vestigde zich daarna te 's Gra-

vennage. ni] maaKte nier m tijdschriften en dagbladen propaganda voor de werken van Berlioz, Wagner en Liszt, die toen in Nederland nog weinig bekend waren, bestudeerde de muziekgeschiedenis van Nederland en hield zich vooral met het oude Nederlandsche lied bezig. Hij was medeoprichter en werd later voorzitter van de „Vereeniging voor NoordNederlands che muziekgeschiedenis", verzamelde een zeer belangrijke bibliotheek van werken over muziek, oude liederenboek] es, enz. en bracht een collectie muziekinstrumenten van alle tijden en alle vol-

iten dij een. uaaraan is een aizonderlijke verzameling gravures en fotografieën naar schilderijen en beeldhouwwerken, waarop muziekinstrumenten voorkomen, toegevoegd. Verder trachtte hij in Nederland belangstelling voor het zeewezen te wekken en organiseerde in 1900 te Den Haag een geschiedkundige tentoonstelling van het Nederlandsche zeewezen, die aanleiding gaf tot het oprichten van de vereeniging „Het Nederlandsche Zeewezen", waarvan SchcurleeT voorzitter is. Als bankier stelde hij zich in 1903 aan het hoofd van de beweging, die

ten doel had de bela.np-en va.n rlfvn "Nfprlovlovirlc'M-.Qr.

geld- en effectenhandel nietrritslnitA-nrl «an Ame+oi--

dam over te laten. In 1910 werd Scheurleer door de

hoogeschool te Leiden honoris causa tot doctor in de letteren bevorderd. Hij schreef: „Twee Titanen

rl™ 1(1(10 -T-. 7- . ', ,.

^ eeuw. necior uemoz en Antome Wiertz ' (1878) en„Mozart's verblijf in Nederland en het muziekleven aldaar in de laatste helft der 18ae eeuw"

Sluiten