Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

College aldaar. Hij overleed den 2den Januari 1908 t te Chicago. Senn was een der beste chirurgen van i de Vereenigde Staten. Op verschillend gebied der i heelkunde bewoog hij zich en schreef: „Experi- ( mental surgery"(Chicago, 1889), „Intestinal sur- i gery"(Chicago, 1889), „Surgical bacteriology"(Chi- 1 cago, 1889), „Principles of Surgery" (2d<> druk, 1 Philadelphia, 1895), „Tuberculosis of bones and i joints" (Philadelphia, 1892), „Pathology and sur- i gical treatment of tumors" (2<>o druk, Philadelphia, : 1900), „Tuberculosis of the genito-urinary organs" i (Philadelphia, 1897), „Practical surgery" (Phila- ] delphia 1901) e. a. '

Sennaar (Dar Sennaar, Dsjesiret Sennaar, „Eiland Sennaar" of kortweg El Dsjesireh „Eiland"), is de naam van het land tusschen den Witten en den Blauwen Nijl vóór de vereeniging bij Chartoem ten N. van 12° N. Br., in ruimeren zin van het gebied tusschen de Atbara in het 0„ Abessinië in het Z.O., de bergen van Fasolk in het Z. en den Witten Nijl in het W. Onder de Egyptische heerschappij had men de N. punt afgescheiden en daaruit het departement Chartoem gevormd; de rest stond als provincie Dar-Sennaar onder een moedir. Thans omvat het gebied de drie provincies (moedirieh) van den Soedan: Chartoem, Gesirehen Sennaar. Het N. gedeelte van het land is geheel vlak. Op 13—14 N. Br. verheffen zich enkele granietgevaarten uit de vlakte. Door de vlakte kronkelen eenige periodieke rivieren naar den Witten Nijl. Mineralen zijn ijzer en goud. De plantengroei is vooral langs de rivieren zeer welig. Oerwouden wisselen er af met kreupelhout, met hoog en dicht begroeide weiden en met steppen, die slechts zelden in woestenijen veranderen. De bevolking bestaat grootendeels uit den Negerstam der Foendsj, die in den aanvang der 16de eeuw den Witten Nijl overschreden, de Bedoeïnen tot onderwerping brachten en het rijk Sennaar stichtten, dat in 1820 door den pasja van Egypte in bezit genomen en in een Egyptische provincie herschapen werd. Al do inwoners zijn Mohammedanen, hebben echter vele oude, heidensche gebruiken.

De hoofdstad Sennaar, 254 km. ten Z. O. van Chartoem, aan den linkeroever van den Blauwen Nijl gelegen, was vroeger als hoofdstad van het rijk der Foendsj een volkrijke plaats, is sedert 18^0 vervallen en telt ongeveer 5000 inwoners. De tweede stad is de belangrijkste handelsplaats Mesalamieh vroeger met 6000—10 000 inwoners. Het had vroeger sterke vestingwerken. Wod Medineh, vroeger zeer volkrijk, telt thans 2000 inwoners; in de nabijheid bevinden zich zeer oude Christelijke crypten. Al deze plaatsen hebben door den mahdi opstand, ook wat het bevolkingscijfer betreft, zeer geleden.

Sennebladeren. Zie Cassia.

Sennerij noemt men de inrichting tot het maken van kaas, in het bijzonder in de Zwitsersche Alpen. De herder draagt er den naam Senn, zijn verblijf dien van Sennhui.

Sennhut. Zie Sennerij.

Sennyey, Paul, baron, een conservatief Hongaarsch staatsman, geboren den 24sten April 1824 te Of en, trad in staatsdienst. Als lid van den Hongaarschen Rijksdag van 1848 legde hij zijn mandaat neer, toen Kossuth een breuk met de dynastie trachtte te doen ontstaan, waaraan Sennyey steeds

trouw bleef. Gedurende het absolutisme, vooral van 1860 tot 1861, was hij als eerste vice-president van den stadhouderlijken Raad ijverig bezig om een verzoening tot stand te brengen en de grondwet van vóór Maart weer te herstellen. In 1865 tot minister van Financiën benoemd, nam hij de leiding van de regeering gedurende het Provisorium op zich (tot Februari 1867). In 1872 nam hij het mandaat van afgevaardigde voor den Rijksdag aan. Hij behoorde als leider der oppositie van de rechterzijde tot de schitterendste redenaars van het parlement. In December 1884 werd hij tot Judex curiae en tot president van het Hoogerhuis benoemd. Hij overleed den 3den Januari 1888 te Boedapest.

Senon (Fransch Sénonien, naar Sens) wordt in de geologie de bovenste laag der krijtformatie genoemd.

Senonen (Senvnes) was de naam van een volk in Gallia Lugdunensis, woonachtig aan de Yonne, met de hoofdstad Agedincum, thans Sens. Een gedeelte van dat volk trok naar Umbrië in Italië, en waarschijnlijk waren het Senonische Galliërs, die in 390 v. Chr. Rome in brand staken. Later namen zij deel aan den oorlog der Etruscers, Umbriërs en Samnieten tegen Rome en leden met dezen in 295 bij Sentinum de nederlaag. In 283 werden zij door consul P. Dolabella geheel onderworpen.

Sens, een arrondissementshoofdstad in het Fransche departement Yonne, ligt 76—159 m. boven den zeespiegel aan de Yonne, welke hier de Vanne opneemt, en is een kruispunt van het spoorwegnet van Lyon en van het Oosternet. Het bezit een vroeg-Gotische kathedraal (12de—14de eeuw) met twee torens, glasschilderingen, grafteekens van den dauphin, den vader van Lodewijk XVI, van zijn echtgenoote en van den kanselier Duysrat, en een rijke schatkamer, 4 andere oude kerken, de officialité (vroeger aartsbisschoppelijk gerechtsgebouw) uit de 13d0 eeuw, een aartsbisschoppelijk paleis (16de eeuw), een mooi stadhuis (1902) en gedenkteekenen van Jean Cousin en Ttenard. Het telt (1906) 14 893 inwoners en heeft handel en nijverheid. De stad is de zetel van een aartsbisschop en van een handelsrechtbank en bezit een lyceum, een geestelijk seminarium, een bibliotheek van 20000 deelen, een museum met Gallisch-Romeinsche oudheden, een schouwburg en een Kamer van Koophandel.

Sens was het oude Agedincum, de hoofdstad der Senonen, en van 1163—1105 de zetel van den uit Italië gevluchten paus Alexander III.

Sensibiliteit (Nieuw-Latijn = gevoeligheid) is het vermogen om te gevoelen, dat met de aan1 wezigheid van zintuigen, sensibele zenuwen en een centraal zenuwstelsel samenhangt. Wanneer men afziet van den mensch, die kan mededeelen of hij ; gevoelsgewaarwording heeft of niet, kan men tot ! de aanwezigheid van sensibiliteit (bij dieren) ali leen besluiten uit reacties, die bij den mensch als uitdrukking der sensibiliteit gelden, zooals sterke bewegingen, schreeuwen, enz. Bij lagere dieren zal ■ men in vele gevallen in twijfel verkeeren, of men 1 werkelijk met sensibiliteit te doen heeft, dan wel - of de opgetreden bewegingen alleen het gevolg t zijn der directe prikkelbaarheid. Bij de laagste ? organismen, waarbij van zenuwen en nog minder 3 van een gedifferentieerd zenuwstelsel sprake is,

Sluiten