Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

door de stad loopt, en aan een aantal spoorwegen. Er is een fraai stadhuis, de kathedraal van St. Paul en van St. John, een sterrenwacht, een universiteit, een bibliotheek en een instituut voor idioten. De Dlaats telt ^1900^ 108 374. inwnnftra on Kovif mofool_

- \ - - / taai-

tabneken, machinefabrieken, fabrieken voor landbouwwerktuigen, chemicaliën, kleeren, bierbrouwerijen enz. In 1654 werden in de laagten bij het Meer van Onondaga zoutbronnen ontdekt, sedert 1787 werden deze geëxploiteerd. Zij leveren thans uit 50 bronnen meer dan 7 millioen vaten zout.

Syrië (zie de kaarten West-Azië en Palestina), een tot Aziatisch-Turkije behoorend land, ligt aan de oostkust van de Middellandsche Zee en omvat het tegenwoordige vilajet Soeria, de zuidwesthelft van Haleb (Aleppo), het vilajet Beiroet en de zelfstandige sandsjaks Libanon en Jeruzalem. Oorspronkelijk gaf men dien naam aan alle landen van het Assyrische Rijk, doch de Grieken kenden hem in verkorten vorm bepaaldelijk toe aan de lan-

uc.i oen wtbten \an aen .hutraat, terwijl men tegenwoordig daaronder al het land verstaat tusschen den Eufraat en de Arabische woestijn ten oosten, de Middellandsche Zee ten westen, den Taurus ten noorden en Egypte ten zuiden.

Bodemgesteldheid. Syrië behoort, met uitzondering van den Alma Dagh, tot het tafelland van VoorAzië. Dit tafelland wordt doorsneden door een kloof, de Bekaa,^ die den Orontes naar het N. en de Lita naar liet Z. zendt. Aan weerszijden van de Bekaa vindt men den Libanon (3063 m.) en den Antilibaïion (2670 m.), die uit kalkgesteenten bestaan. Aldaar ontsorinet de Jordaan. Verder naar v.n+ 7

heft zich de uit basalt opgebouwde Hauran (1839 in.), ten \. daarvan vindt men een met basalten trachytkegels bedekte lavawoestijn. De regen is er zeer ongelijk verdeeld; daar in de Middellandsche Zee de westenwinden de overhand hebben, ontvangen enkel de smalle kuststrook en de westelijke berghellingen een overvloed van regen. Daarentegen zijn de oostelijke hellingen en binnenlandsche hoogvlakten zeer arm aan regen, bronnen en rivieren en vormen meerendeels onbegroeide steppen of kale woestenijen.

Klimaat. Wat het klimaat betreft, bezit Syrië slechts twee jaargetijden; van het begin van Mei tot aan hte einde van October heerscht er droogte, en de noordwestenwinden hebben dan de overhand' tegen het laatst van October kondigen onweders den aanvang aan van ppn tiiHnnrL- w,

O - «CWWUl VAC AU1U-

westelijke en zuidelijke winden regen brengen. Het verschil van warmtegraad is zeer groot: in het binnenland, in de woestijn en op de hoogvlakten daalt de thermometer dikwijls beneden liet vriespunt, en m Damascus, Jeruzalem (met een gemiddelde jaarhjksche warmte van 17° C.) en Aleppo valt soms veel sneeuw. De zomerwarmte te Damascus en in het binnenland is natuurlijk veel hooger dan aan de kust, in het Jordaandal is het echter nog veel warmer. Dikwijls waaien er woestijnwinden.

Planten- en dierenwereld, middelen van bestaan. o\në is geen onvruchtbaar land, maar was vroeger beter bebouwd dan in onzen tijd. Aan de kust heeft men er de flora derMiddellandscheZee,diezich onderscheidt door altijdgroene, smal- en lederbladerige heesters en verwelkende voorjaarsgewassen. Op de hoogvlakte treft men een Oostersche steppeflora aan met vele gedoomde heesters en een klein aantal

bloemen, terwijl in het Jordaandal een subtropische plantengroeiheerscht. In 1906 schatte men den oogst van tarwe op 118 000, van gerst op 150 000, van sesamzaad op 120 000, van maïs op 18 000, van haver op 600, van linzen op 16 000 en van erwten

r\r\ 1QAAA T7< 1 _ -. m- , ,

UP tun. r,r weraen i minioen kg. gedroogde

cocons van zijderupsen verzameld. Onder de huisdieren vervullen vooral de schapen (meest vetstaarten) een groote rol, daarna de geiten. Het rundvee is klein en wordt alleen in de bergstreek van den Libanon geslacht. De Indische buffel komt voor in het Jordaandal. Hfi lrainppl in Ho •

1 — - VYV/VOHJII,

verder heeft men er paarden, ezels en hoenders. De

o^innvnaiiuii wuruen uoor ae .Bedoeïenen gegeten.

Men vindt er ziidesninn PrilPn WPVPriion von 1™ 4-r\n

, J I "J~", " v T viijvu v«/n jvaiuc-

nen en zijden stoffen, leer- en meubelfabrieken en fa-

wnuagc van eiwit en eigeel.

Bevólkina. T)e bevolking vn.ri SUrriö ia irniimnn imn«

«/ ' wjnv 'O YuipWio uaai

aikomst verdeeld i'i nalmmplino-p-n Hor nnrio fi-i™;;*.»

" 1 vhavav» kjy IJCI a

(Aramaeërs), Arabieren, Israëlieten, Grieken, Turken en Franken, vnlo-pn <2 Vinnr nmHc«Hio7ïc<+- i»-i

» ^KUDUlWiaU J.11 JJJ.U-

hammedanen, Christenen en Israëlieten. De Syriërs aanvaardden gedeeltelijk met den Islam de Arabische taal, gedeeltelijk bleven zij Christenen. De Arabieren zijn gesplitst in zulken, die een vast verblijf hebben, en in zwervende stammen; deze laatsten, ofschoon voor het uitwendige Mohammedanen, zijn eigenlijk nog altijd vereerders der hemellichten. Men heeft er slechts weinig Tnrkfin nanfnl inmftnaro

wordt op 2,8 millioen geschat en wel 1,6 mill. Mo-

—— r\r\r\ r\r\r\ /-.■ • ,

namiucuttiicM, yuu uuy unristenen en öUU UUU Joden. Onder de Christenen hphhpn Hp Hwppn>7ipirp aonimn.

gers der orthodox-Grieksche Kerk de meerderheid;

üj bpiejteii meesiai AraDiscli. Armeniers en Kopten vindt men nagenoeg uitsluitend in Jeruzalem. Grooter is het aantal Jacobieten, vooral in het noorden; zij behooren, wat hun geloof aangaat, tot de Monophysieten. De R. Katholieke Kerk bezit in Syrië twee filiaalkerken, de Grieksch-Katholieke en de Syrisch-Katholieke met bepaalde voorrecfiten. Tot haar behooren ook de Maronieten in den Libanon, wier patriarch te Rome bevestigd wordt. Protestanten, bekeerlingen van het Amerikaansche zendelinggenootschap, zijn er een paar duizend. De Israëlieten zijn verdeeld in Spaansch-Portugeesche en Joden uit Rusland, Oostenrijk en Duitschland. Men vindt er daarenboven 200 Samaritanen te Nabulus. Tot de Mohammedaan sche spkfpn holi ftnron • Ho rivimnnn i»>

- uvuuun/u, UV i/lULOCll UI

den Libanon en T~Tji.npra.n Hp lVTnooQiT-iörc

T\* 1 1 A- . . — ' V u, 11 U.CII

Djebel Nasairjeh, de Ismaëlieten, dezelfden als de

ViOrnnVi^-n \ „„C 1 -* r . i /v "1

. ööaasAIlcn' en ivietawue, een soort van Sjiïten, die het hoogland van Galilea tusschen Saïda en Tyrus bewonen. In den laatsten tijd zijn in Syrië een aantal spoorwegen aangelegd. De nijverheid is van geen belang, de meeste verbruiksartikelen moeten worden ingevoerd. Uitgevoerd worden graan, zijde, sesamzaad, olijven, olie en wol. De belangrijkste havens zijn Beiroet, Alexandrette Haifa, Jafa, Tripolis en Lattakie.

Geschiedenis. De oorspronkelijke bewoners van Syrië, meest Semieten, waren verdeeld in onderscheiden stammen. van wpllrp Hip Hpr

i xnumaccii

langzamerhand de aanzienlijkste werd. Men vond er toen een aantal steden, zooals Damascus, Ha-

math. Hnms fKmpan^ 7.r»hq TodmA»AfDni ...

x> u i m V 1 • "a raiiuyia en

Baalbek of Hehopolis. Aan de westkust woonden de

ivaiiaaiueren, ae i-noeniciers en de Israëlieten of Joden. De eigenlijke Syriërs moesten zich dikwijls

Sluiten