Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

omtrek was week en moerassig en moeilijk te begaan.

Toen Frederik Hendrik met zijn leger voor de vesting kwam, was dan ook zijn eerste werk, dien grond droog te maken. Hij liet door zijn soldaten slooten graven, dammen en dijken leggen en het water wegmalen. Op den drooggemaakten bodem vestigde hij zijn legerplaats, d.w.z. hij maakte er zijn tenten en verschansingen. Rondom die legerplaats liet hij een breede gracht graven. Zoo waren zijn soldaten veilig. Ze konden de stad insluiten en behoefden niet te vreezen, dat een vijand hen zou kunnen verdrijven.

De vijanden beproefden dit wel. Met een leger van 30000 man kwamen de Spanjaarden aanrukken, om Frederik Hendrik en zijn troepen te verjagen. Ze vielen de legerplaats van onzen stadhouder aan, maar achter hun breede gracht en de wallen van hun verschansingen konden zijn soldaten zich gemakkelijk verdedigen. Wat de vijanden ook beproefden, om Frederik Hendrik voor 's-Hertogenbosch weg te krijgen, hij bleef waar hij was.

Nadat het beleg geruimen tijd geduurd had, zagen de Spanjaarden in Den Bosch geen kans meer, de vesting te behouden. De Spaansche bevelhebber gaf de stad over en Frederik Hendrik trok er met zijn leger binnen. Dat was in 1629.

's-Hertogenbosch is niet de eenige stad, die door onzen stadhouder aan de Spanjaarden ontnomen werd. Vele andere steden kreeg hij eveneens in zijn macht. Zoo knap toonde hij zich in het vermeesteren van vestingen, dat men hem den naam Stedendwinger gaf.

Van 1625 tot 1647, dus twee en twintig jaar lang, is Frederik Hendrik stadhouder en hoofd van het leger geweest. In 1647 was de Tachtigjarige Oorlog bijna

Sluiten