is toegevoegd aan uw favorieten.

Statuten en huishoudelijk reglement van de Vereeniging "De Kerkelijke Kas" te Amsterdam

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. 6.

Zoodra er inkomsten zijn met uisluitende bestemming voor schoolonderwijs, en dus het hiervoren in art. 2 sub c genoemde schoolfonds is opgericht, zal het bestuur de zuivere inkomsten van dit fonds geheel uitkeeren aan de commissie of het college of den persoon, door den hiervoren in art. 1 bedoelden kerkeraad daarvoor aangewezen.

Art. 7.

Tot nadere regeling van het in art. 3 der Statuten bepaalde, wordt aan het bestuur opgedragen:

a. eene lijst aan te leggen en zoo nauwkeurig mogelijk bij te houden van allen die, hetzij volgens de opgaven van den kerkeraad der hiervoren in art. 1 bedoelde Kerk, hetzij volgens eenig van dezen kerkeraad afkomstig bewijsstuk, in het lidmatenboek van die Kerk zijn ingeschreven;

b. van de op die lijst voorkomende personen aanstonds als lid der Vereeniging te erkennen ieder die, hetzij door mondelinge of schriftelijke verklaring, hetzij door het bezoeken eener algemeene vergadering, hetzij door het geven eener vrijwiUige bijdrage voor de kas der Vereeniging, blijkbaar als lid wenscht te worden aangemerkt; en hiervan aanteekening te houden op de sub a bedoelde hjst;

c. niet langer als lid der Vereeniging te erkennen ieder die, volgens bericht van den kerkeraad der hiervoren in art. 1 bedoelde Kerk, geen lid meer is van die Kerk; en hiervan aanteekening te houden op de sub a bedoelde lijst;

d. uit de volgens b en c gehouden aanteekeningen eene lijst aan te leggen en zoo nauwkeurig mogehj'k bij te houden van de mannehjke leden der Vereeniging, die hun 24e levensjaar zijn ingetreden, en die dus gerechtigd zijn tot stemmen of tot het bekleeden van eenige in de Statuten genoemde betrekking;

e. van de sub d bedoelde lijst te royeeren ieder die, volgens bericht van den hiervoren in art. 1 bedoelden kerkeraad, door dezen onder kerkelijke censuur is gesteld; en den zoodanige weder op die lijst te plaatsen, zoodra hij, volgens bericht van denzelfden kerkeraad, van die censuur is ontheven.

Art. 8.

Het bestuur zorgt, dat de beide hiervoren in art. 7 bedoelde lijsten bij alle algemeene vergaderingen en bij alle bestuurs-