is toegevoegd aan uw favorieten.

De doleantie en haar kerkrechtelijke beginselen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

eenigszins als bestuursleden optraden; zij hadden eenvoudig uit te voeren wat hun door de kerken was opgedragen, zonder eenige algemeene of bijzondere bestuursmacht; deze bleef in vollen zin bij de kerken zelve. Daarom juist was er ook geen rangorde in de verhouding tusschen Kerkeraad, Classe en Synode. De groote vergadering had wel zonder twijfel een zeker zeggenschap over de kleine; maar het bedoelde gezag was in geenen deele onbeperkt en volstrekt, maar wel zeer uitdrukkelijk aan Góds Woord gebonden; en het had ook voorts zijn grond, niet in meerdere hoogheid, maar alleen in meerdere talrijkheid; wat de hoogheid betreft, werd uitdrukkelijk uitgesproken, dat juist de Kerkeraad boven de Classe stond en de Classe weer boven de Synode".141)

Naar deze grondbeginselen werd ook op het Convent en de voorloopige Synoden van Nederd. Gereformeerde Kerken gehandeld.

Misschien heeft de Doleantie (ook Dr H. Bavinck maakte deze opmerking) op de zelfstandigheid en de vrije confoederatie der verschillende locale kerken wel eens ietwat eenzijdig de nadruk gelegd, maar hierin spraken de tijdsomstandigheden ook een kracht i g woord mee. Hoevele leden van het Hervormd Kerkgenootschap hadden zich laten wijs maken, dat alle gemeenten van dit Genootschap als ijzeren bouten op schier onverbrekelijke wijze aan elkander geklonken zijn.142)

Angstvallig werd tegen e 1 k insluipen van een hiërachischen geest gewaakt. Dr Kuyper waarschuwde telkens tegen hiërarchische velleïteit.148)

Stipt hielden Convent en Synoden zich aan de Kerkenordening van 1619.

Nu eens heet het: „De Classis moet de Dordtsche Kerk en-ordening uitvoeren en casseeren elk besluit van den Kerkeraad, om voor een bepaalden tijd een oefenaar aan te stellen" 144), dan weer is het: „Als Synodale Kerk zou voorzeker na de Vereeniging vooral Dordrecht in aanmerking komen... Wat den tijd betreft,