Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nigeen , die onoogelijke uitwassen heeft, wordt hiervan niet gezuiverd, tenzij hfl gezond worde. Met de gezondheid krijgt men ook eene andere gedaante. En zonder die gezondheid mogen wij werken, zooveel wij willen , om de gedaante beter te doen worden, het is alles te vergeefs, zoolang de inwendige beterschap niet toeneemt. En deze beterschap is niet het werk eens menschen, maar alleen het werk des Heiligen Geestes, die de groote en eenigo Herschepper is op het gebied des innerlijken levens.

Aan die reformatie des harten en der kerk, daaraan nu hebben wij allen, Ghr. Geref. en doleerenden, de grootste behoefte. En hoe meer de geloovigen gereformeerd worden door den Heiligen Geest, en wederkeeren tot den Heere, hoe meer zij ook met elkander vereenigd zullen worden in de gemeenschap des Heiligen Geestes , en in hartelijke liefde tot den Heere en tot elkander, als leden van hetzelfde lichaam , waarvan Christus het Hoofd is.

Er is nog een reden, die Chr. gereformeerden en doleerenden vaak nog gescheiden houdt. En die reden is de volgende: Vele doleerenden gaan uit van de gedachte, wij hebben het juk voor de geheele gemeente afgeworpen en de Chr. Gereformeerden hebben allen , elk voor zich zelf gehandeld. Wat mij betreft, het schijnt mij toe, dat de weigering om het juk te aanvaarden, voor de geheele gemeente best had kunnen geschieden in 1816, toen men nog leefde onder de behoorlijk wettig georganiseerde Geref. Kerkenorde; maar nadat men zelf het juk aanvaard heeft, al is het onwillens, en nadat duizenden toegelaten zijn tot het z. g. Ned. Herv. Kerkgenootschap, waartoe' ook wij behoord hebben, nu geloof ik vast dat wij geen recht hadden , voor die allen, die eigenlijk tot geen kerk, maar tot een zeker godsdienstig genootschap behoorden , het juk af te werpen. Wij hebben onze rechten verspeeld door dat juk der organisatie maar steeds te aanvaarden.

Ik heb er deze redenen voor: Wij hebben er stilzwijgend, doch niettemin feitelijk in bewilligd, dat de kerken werden omgezet in een genootschap. Hadden wij dat niet gewild, dan hadden wij nooit mede mogen doen aan het opvolgen der reglementen. Wij hebben bewilligd om inge-

Sluiten