Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

V. DE ZEGEN VAN HUISCATECHISATIE.

De Heere zal genade en eere geven. P«. 84 ; 12.

Aan de nauwgezette beoefening van de huiscatechisatie heeft God zijn zegen toegezegd. De belofte uit Psalm 133. wordt door Hem vervuld: „De Heere gebiedt aldaar den zegen."

Die Goddelijke zegen is tweeledig. De Heere geeft genade en Hij geeft eere.

De genade gaat voorop. Het is Gods regel, om in den weg van godvruchtige opvoeding zijn Naam in de geslachten te verheerlijken; naar luid van 's Heeren getuigenis: „Ook zal zijn Naam van kind tot kind voortgeolant worden." Ps. 72: 17.

Die genade betreft, in de eerste plaats, uw kroost.

Als het God belieft de hand zijner ontferming aan uw kinderen te leggen, o! wat vloeit er dan een stroom van genade door de bedding der huiscatechisatie.

Als ze groot geworden zijn, zullen uw kinderen er God voor danken, dat ze reeds in hun prilste jeugd met zijn Woord en wonderwerken zijn bekend gein 3, ci kt

„Mijn Vader! Gij zijt de Leidsman mijner jeugd!" Jer. 3:4. is de uitroep van al Gods getrouwen, die het voorrecht van huiscatechisatie gesmaakt hebben. Met David kunnen zij betuigen: „o God! Gij hebt mij geleerd van mijn jeugd aan en tot nog toe verkondig ik uw wonderen." Ps. 71: 17. Zoo Gij, van dat ik werd geboren. Ja, van mijn eerst begin, Mij niet uit teedre min Hadt ondersteund, 'k waar lang verloren; Dies doe ik in gezangen, U steeds mijn lof ontvangen.

Ps. 71 :4.

Sluiten