Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Er is een kracht in ons die giooter is dan onze kracht, en die ons vernieuwen kan, wanneer wij Hem toelaten te werken naar Zijn wijze en naar Zijn wil.

Zoo wandelen wij, menschen van onzen tijd, in een menigte van vragen en geestelijke moeilijkheden. Ik geloof niet dat wij het gemakkelijker hebben dan de vromen van oude dagen, misschien is het nu alles wel veel moeilijker. Het is duidelijk dat dat ons in geen geval er toe mag brengen om in traagheid Gods water over Gods akker te laten loopen. Er is een Christelijke ascese, dat is een oefening tot godzaligheid (1 Tim. 4 :7), en die ascese is niet een zichzelf opschroeven tot een kunstmatige levenshouding, maar zij is een, vanuit het geloof, met alle kracht van onze ziel Christus in ons laten werken tot opstanding en tot blijdschap. Die christelijke ascese is in den grond heel eenvoudig, zij is een zich-stellen voor Hem die onze Heiland en Heere is. Maar in de verwikkelingen van de harde levenspractijk uit ze zich in vele dingen: maar gij o mensch Gods, vlied deze dingen, en jaag na gerechtigheid, godzaligheid, geloof, liefde, lijdzaamheid, zachtmoedigheid (1 Tim. 6:11). Zij is dus een vlieden en een najagen, zij is negatief en positief, zij is een ontwijken en een zoeken.

Wij zijn geen geestelijke Münchhausens, die zichzelf omhoog trekken. Omhoog getrokken worden kan alleen vanuit een standpunt dat hooger is dan wijzelf. En wij hebben een standpunt dat hooger is dan wijzelf, dat is Hij. Daarom komt alle zielszorg aan eigen ziel hierop neer, dat wij Christus in ons toelaten meer en meer alle krachten van denken en leven en willen in bezit te nemen, net zoo lang totdat Hij alles geworden is.

Sluiten